ds. Arnoldien van Berge: ‘In verwachting zijn’ n.a.v. Lukas 1, 39- 56

*  Alle-Dag-Kerk, 16 december 2015  *

Voorganger: ds. Arnoldien van Berge, Amsterdam

‘In verwachting zijn’ n.a.v. Lukas 1: 39- 56

Waarover gaat het vanmiddag? Vooraf aan de lezingen:

In de dagen van advent, de dagen vóór kerstfeest, is het traditie om stil te staan bij ‘verwachting’.
Niet zomaar ‘wachten op’ of ‘afwachten’ maar ‘verwachten’ als een geloofshouding, een houding waarmee je laat zien dat je gelooft, erop vertrouwt, dat alles zoals het is, altijd ook nog anders kan en vaak ook anders moet zijn op grond van wat ‘uit de hemel’ is beloofd.
En voor vanmiddag koos ik het verhaal van Maria en Elisabeth, twee vrouwen ‘in verwachting’…. als symbool voor die geloofshouding van vertrouwen en van geduld.
Een verhaal om ons te helpen ook zo’n houding aan te leren tegen cynisme ‘hoe kan dat nou’ en tegen wanhoop ‘het wordt nooit meer wat’.

Overdenking

Wat Maria van haar leven verwachtte? We weten het niet. Maar, dat haar leven zó ingrijpend zou veranderen, dát had zij niet verwacht.

Maria is een jonge vrouw; zij gaat met Jozef trouwen, Jozef, een verre nakomeling van koning David.
Maria en Jozef, samen gaan zij verder hun leven leven. Zo goed en zo kwaad als dat gaat in een bezet land.
Want, dat weet u, aan het begin van de eerste eeuw maken Romeinse machthebbers en militairen de dienst uit in het Joodse land.
De mensen hopen op betere tijden. De mensen verlangen naar een tijd waarin zij vrij kunnen zijn, niet meer angstig en opgejaagd, niet meer doodsbang voor wie je het leven onmogelijk maken.
Een situatie die voor veel mensen in veel landen nog steeds geldt…..

Wat Maria in ieder geval niet verwacht had, is dat zij op klaarlichte dag en zomaar in haar eigen huis, dromen droomt en met een engel spreekt.
En wat die engel zegt, dat is ook zó onverwacht:

dat zij een kind krijgt dat in eeuwigheid koning zal zijn
en dat met Hem betere tijden aanbreken.
Jezus zal Hij heten en ‘Zoon van God’ .

Hoe onbegrijpelijk die boodschap ook is, Maria gaat geloven en accepteren dat wat haar overkomt, dat dat een bedoeling heeft, een bedoeling ‘uit de hemel’ een bedoeling die God zelf bedacht heeft en die daarom dus goed is.
Het heeft haar overrompeld, ze is er door van streek, maar toch – en wie weet herkent u dat- , soms, soms, overkomt het je – en je weet niet hoe het komt – soms doe je dingen die je verstandelijk niet kunt verantwoorden, maar, door een geheimzinnig en heilig weten, zeg je ‘ja’!
Maria zei ‘ja’. Ze heeft zich beschikbaar gesteld. Ze heeft tegen de engel gezegd: ‘ik vertrouw mij toe aan God, ik stel mij in zijn dienst’.

In haar verwarring krijgt zij een aanwijzing, ook uit de hemel, een aanwijzing waar zij terecht kan met haar verwarring.
‘Luister’, zegt de engel Gabriël, ‘Elisabeth, die familie van je is, die is ook zwanger van een zoon, terwijl zij al oud is.’

Maria heeft die boodschap meteen begrepen en reist in grote haast naar het bergland, naar een stad in Juda waar zij Elisabeth ontmoet.

Elisabeth?
Wat had zij van het leven verwacht? We weten ook van haar weinig. Ze is de vrouw van Zacharia die priester is. Beiden, Elisabeth en haar man zijn oprechte, trouwe en vrome mensen. Ze leven met een groot verdriet in hun hart, want zij zijn kinderloos.
Maar, ook deze vrouw, net als Maria, raakt op een onverwachte manier in verwachting. In verwachting van een zoon waarvan de engel heeft gezegd dat die Johannes moet heten en dat deze Johannes veel mensen tot God zal brengen.

Maria en Elisabeth
Symbool voor ‘verwachten dat het anders en beter kan en moet worden’. De één is heel jong en de ander is al een oudere vrouw; het heeft dus niets met leeftijd te maken, het kan je altijd overkomen: iets goeds, iets onverwachts, iets waar je niet meer op rekende, als een geschenk uit de hemel: die twee vrouwen, zij omarmen elkaar en zij brengen elkaar aan het zingen.

En zingen, dat weet u, daarom zingt u hier in de kerk ook zo graag, is een uiting van emoties, in een lied kun je al je gevoelens uiten, je vreugde maar ook je verdriet en je wanhoop. Het moet er uit.
En het is zo in-droevig als iemand van zichzelf zegt ‘ik kan niet meer zingen’……. Zoals ik kortgeleden over iemand las die zóveel honger en pijn en vernedering had doorstaan dat ze schreef ‘hierna kon ik niet meer zingen’…..

Daar tegenin, tegen de honger en de pijn, tegen de vernedering en de stom geslagen mond van alle mensen die niet meer kunnen zingen,
dáár tegenin klinkt nu het lied van Maria vol vertrouwen dat de hemel, dat God, aan de kant staat van hen die lijden en dat de hemel, dat God, zich keert tegen de machthebbers en hun geweld.
Het is een lied dat alle moeders in Israël hebben gezongen en dat alle moeders tot in lengte van dagen zullen zingen, protestliederen, overal op aarde.

Een Zwitserse dichter heeft het als volgt, verkort en vrij vertaald,
weergegeven: …………

“En Maria kon nauwelijks lezen
en Maria kon nauwelijks schrijven
en Maria mocht niet zingen
noch spreken in het gebedshuis
waar de mannen de toon aangaven.

Nu zong ze over de grote genade,
de heilige omkeer….
Later, veel later
keek Maria radeloos neer van de altaren
waarop zij geplaatst was
en het moest wel een vergissing zijn
toen zij – de veelvoudige moeder –
als maagd geprezen werd…..

En Maria kwam
uit haar schilderijen vandaan
en klom van haar altaren af…
en zij kwam terug in al die vrouwen
die, door de eeuwen heen, zich hebben beroepen
op haar en op haar God
in hun protest en verzet tegen onrecht
tegen het lijden, tegen onderdrukkers en geweldenaars, tegen machthebbers die hun macht misbruikten – ook in de kerk –
ze kwam terug in miljoenen vrouwen die daarom als heksen werden verbrand;
in vrouwen die zich verzetten tegen slavernij en tegen uitroeiïng van de inheemse volken van Amerika;
Maria kwam terug in de socialistische en marxistische filosofes en politica’s die zich verzetten tegen het fascisme;
ze kwam terug in vele ‘heilige vrouwen’ in de kerk……
Zij was en zij is een inspiratie tot op vandaag!’

(naar Kurt Marti, geciteerd door Nico ter Linden in ‘Het verhaal gaat….’ deel 6. p.22 en 23)

Wat had u, wat had jij eigenlijk verwacht van het leven? En, hoe is het gegaan? Of: hoe gaat het? Wat is er van uw verwachtingen uitgekomen?
Bent u dankbaar voor uw leven? Of: zijn alle verwachtingen stukgemaakt? Denkt u er wel eens over na? Kunt u erover praten met iemand?
Verwacht u misschien niets meer? Denk je: ‘het is zo wel goed, wel genoeg….?’ Hoeft er niets meer te komen?
Terwijl er altijd, zo maar onverwacht iets nieuws, iets anders gebeuren kan: een stem, een gebaar, een droom op klaarlichte dag; een ander mens kan, als een engel van God, plotseling iets tegen je zeggen waardoor je leven totaal kan veranderen:
een woord van vergeving,
een woord van liefde,
een woord dat duidelijk maakt
wie je was en wie je bent……….
Leven zonder nog iets te verwachten dat is eigenlijk geen leven dat is vreugdeloos en leeg.

En daarom is het ook dat we elk jaar advent vieren in de kerk. Om te leren ‘verwachten’, ook kleine dingen. Om het vol te houden, geduldig te zijn, niet cynisch en wanhopig te worden maar er op gericht blijven dat het anders kan en beter kan, en anders en beter moet… barmhartiger, met meer begrip, liefdevoller tegenover vriend en vreemde en vluchteling die zo veel vreselijke dingen heeft meegemaakt.

Dat wij vandaag iets mee krijgen van Maria en Elisabeth. Zij waren op totaal onverwachte manier in verwachting, verwachting van een geheim, van kinderen die de wereld veranderd hebben, Johannes de Doper en Jezus ‘God met ons’, namen als wachtwoorden doorgegeven…
De twee vrouwen: ze hebben elkaar aan het zingen gebracht, zó aanstekelijk dat wij die liederen ook weer zingen – en laat het zo zijn dat die liederen nooit verstommen –
– en laat het zo zijn dat we elkaar aan het zingen brengen –
Vandaag: liederen tot eer van God die naar ons omziet, die naar ons toekomt, die in ons leven komt.
Want dat is toch kerstfeest?!

Amen

Plaats een reactie