ds. Dirk-Jan Thijs (Scheveningen): “Een spelletje?”, n.a.v. Lucas 7: 29-35

*  Alle-Dag-Kerk, Middagpauzedienst 20 maart 2019  *

ds. Dirk-Jan Thijs (Scheveningen)

Een spelletje?“, n.a.v. Lucas 7: 29-35

Beste mensen hier in de Engelse kerk en luisteraars op andere plaatsen,

Misschien mag ik beginnen met een persoonlijke ervaring. Als 23-jarige solliciteerde ik bij een groot internationaal bedrijf. En bij dat eerste gesprek kwam gelijk al de vraag op tafel: Zou je eventueel bereid zijn t.z.t. ook in het buitenland te werken? Eigenlijk was ik niet zo avontuurlijk ingesteld. Ik dacht bij mezelf: Nee, dat zie ik er eerlijk gezegd niet van komen. Maar dat is niet wat ik zei. Want ik dacht: Als ik daar niet voor open sta, kiezen ze gewoon een ander. Ik huichelde: Jazeker, dat zou ik wel heel erg boeiend vinden. Ik werd aangenomen. Na 5 jaar kwam mijn baas naar me toe. ‘Ik heb werk voor je te doen in Engeland.’ Ik dacht: Wat moet ik? Ik kan natuurlijk vragen of er niet iets anders is. Of eventueel ontslag nemen en elders gaan werken. Maar Tonny, mijn vrouw, dacht daar anders over. Zij trok me over de streep. En ik had het niet graag willen missen. Na Engeland volgden nog verschillende andere landen. Een verrijkende periode in ons leven en voor ons gezin.
Iets moois over het hoofd zien door verkeerde verwachtingen? Ik moest eraan terugdenken bij de meditatie over de tekst van vandaag. Jezus vertelt een gelijkenis, een beeldverhaal, om een belangrijke boodschap uit te leggen. Er is een groepje kinderen. Ze spelen volwassenen na, zoals kinderen dat doen. Ze spelen bruiloftje. Bij een Israëlische bruiloft gaat het er uitgelaten aan toe. Niet een receptie waarbij een lange rij gasten met een netjes verpakt kadootje in de rij staat om het bruidspaar te feliciteren. Nee, er is muziek. De kinderen blazen op de fluit en maken een vreugdedansje. Verderop staat nog een groepje kinderen: doen jullie ook mee? Maar ze willen niet. Ze hebben geen zin. Ze blijven op een afstandje staan. De volgende dag wordt er begrafenisje gespeeld. Kinderen kennen immers geen taboes. Ze nemen het leven – en het sterven erbij. Doen jullie mee? roepen ze de andere kinderen toe. Maar de reactie is als die van gisteren: we hebben geen zin.
Geen zin om mee te doen. Zou het kunnen zijn dat je daardoor iets moois misloopt? Jezus spreekt de mensen rondom Hem aan. Er zijn ‘Johannes-kinderen’ bij: mensen die zich door Johannes, de voorloper van Jezus, hadden laten dopen. Johannes: de boeteprediker. Heel zijn uiterlijk en zijn manier van leven straalde dat uit. Een man van ascese en onthouding. Een man die het oordeel predikt. ‘Hij speelde begrafenisje.’ Zowaar: er waren er die zich lieten verleiden om mee te doen. Hele beste mensen waren het niet. Ook tollenaars, staat erbij. Nou dan weet je het wel. Zij werden op een vreemde manier aangetrokken door die oproep tot bekering. En een nieuw leven was het resultaat. Uit de dood overgaan tot het leven.
Na Johannes kwam Jezus. Niet om het werk van Johannes ongedaan te maken. Nee, Johannes is de voorloper, de wegbereider. Maar Jezus komt wel met een ander accent. Hij mag het evangelie verkondigen, de blijde boodschap. Hij mag de mensen uitnodigen tot de bruiloft. Het is de boodschap van het heil voor ieder die het wil horen. De boodschap van vergeving en een nieuw begin. Gefundeerd in het offer van zijn eigen leven. Daardoor blijkt Jezus zelf de bruidegom te zijn en de gemeente de bruid.
Wat wil Jezus bereiken met deze gelijkenis?  Hij roept mensen – alle mensen – op om mee te doen. Onbevangen als kinderen. In deze veertig-dagentijd zou dat best kunnen betekenen: begrafenisje spelen. Het is een tijd voor inkeer, voor reflectie. Voor berouw. Klaagliederen mogen klinken. Het is een tijd om erbij stil te staan dat we onszelf niet kunnen redden. De uitkomst moet van de andere kant komen. En zo mogen we ons tegelijk voorbereiden op Pasen, het grootste christelijke feest.
Natuurlijk kan het graf niet het eindbestemming zijn. Het loopt uit op de opstanding van Jezus Christus, de overwinning op de dood. Dan is het de tijd voor de fluit en alle andere muziekinstrumenten en van de dans…..
Begrafenisje, bruiloftje spelen…. Het geloof is toch geen spelletje? denk je dan. Maar het gaat wel om meedoen. Er staan ook Farizeeën en wetgeleerden daar bij die groep rondom Jezus. Ze hadden zich niet door Johannes laten dopen. Een begrafenis? Nee, dank je! En ook van Jezus moeten ze niets hebben. Een bruiloft?  Geen belangstelling. Ze blijven kritisch langs de kant staan. Ze doen niet mee. Waar verwachten zij het dan van? Van zichzelf? Van hun eigen vroomheid ?
Zou je door verkeerde verwachtingen iets moois kunnen missen? Zou je door op afstand te blijven staan, de reddingsboei kunnen missen? Die tollenaars, die doen mee. Of die vrouw die Jezus nu gaat ontmoeten en die met die kostbare olie Jezus voeten zalft. Ze stond niet goed bekend. Maar ze deed wel mee. En dat was allesbepalend.
Jezus besluit met een woord om verder over na te denken: ‘En toch is de wijsheid door al haar kinderen in het gelijk gesteld.’ Het gaat hier over de wijsheid van God die besloot zowel Johannes de Doper als Jezus te zenden. Verschillende manieren waarop mensen ‘er bij kwamen’. ‘Johannes-kinderen’, ‘Jezus-kinderen’. Kinderen die mee gingen doen. Meedoen is belangrijker dan winnen, wordt wel eens gezegd. Hier valt het samen. Door Jezus Christus die de overwinning heeft behaald.
Amen