dr. Stephan de Jong: ‘Welke bril heb ik op?’ n.a.v. Filippenzen 2: 6-11

*  Alle-Dag-Kerk, 1 april 2015  *

Voorganger: dr. Stephan de Jong, Bussum

‘Welke bril heb ik op?’ n.a.v. Filippenzen 2: 6-11

Vandaag, 443 jaar geleden gebeurde het, op 1 april 1572. Alva verloor ‘zijn bril.’ De watergeuzen namen Den Briel bij het begin van de opstand tegen de Spaanse hertog van Alva. Naar aanleiding daarvan ontstond het rijmpje: ‘Op 1 april verloor Alva zijn bril.’ Je zou ook kunnen zeggen dat hij een nieuwe bril kreeg. De bril van zijn zelfingenomenheid – het idee de machtigste te zijn – raakte hij kwijt. Hij kreeg er een meer realistische bril voor terug – hij begon te zien dat de opstandelingen taaier en sterker waren dan hij dacht.

De grap van geloven is dat het je een andere bril geeft. Geloven zou je een nieuwe manier van zien kunnen noemen. Cabaretier Jeroen van Merwijk vertelde in een interview van zijn ‘brilwisseling’. Hij vertelde dat hij niet meer kon geloven in de God met wie hij was opgevoed. Zijn oude bril deed het niet meer. Hij was anders gaan zien. Hij vond geloof in God nog altijd mooier dan geloof in feitjes. Hij kreeg er oog voor dat je God in de liefde kan ontdekken. ‘Liefde weegt niks, je kunt het niet vastpakken en tóch bestaat het.’ Daar ergens moet God zijn. Hij leerde God zien door een nieuwe bril.

Geloven is een nieuwe manier van zien. Je gaat er anders door kijken. Ons analytische, nuchtere kijken probeert alles helder te maken als glas. De blik van het geloof ziet het leven veel meer als een diamant. Het ziet de mysterieuze veelzijdigheid van het bestaan, de donkere kanten die in die diamant worden weerkaatst, maar ook het licht, inclusief het licht van de hemel dat er ook is. Onze nuchtere blik ziet een wereld die meetbaar en verklaarbaar is. Het geloof ziet de ontroerende kanten ervan, dat wat ons raakt. En het durft zelfs te zeggen ‘dat de schoonheid van de wereld de zichtbare vorm van Gods glimlach is’ (Simone Weil). Onze nuchtere blik sluit de ogen, als ons hart even niets meer van de wereld wil weten. Het geloof sluit de ogen om te bidden en opent daardoor juist ons hart voor de wereld, de ander en voor Gods nabijheid. De verstandelijke blik ziet de dingen als de dingen. Het geloof ziet om alle dingen een wijdere horizon: dat alles ligt gevat in Gods hand.

Ik maak even een zijsprong. U herinnert zich vast en zeker nog prinses Diana, ‘lady Di’, de in 1997 verongelukte vrouw van prins Charles van Engeland. Aanvankelijk keken de meeste mensen naar haar als een knappe geslaagde vrouw, een vrouw van de glamourwereld, een sprookjesprinses. Aanvankelijk zagen ze alleen die buitenkant. Door de jaren heen werd steeds duidelijker dat ze eigenlijk onzeker was en kampte met een gebrek aan zelfvertrouwen. Als Diana in de spiegel keek, zag ze een gezicht dat velen prachtig vonden, maar dat het zo mooi was, zag ze zelf niet. Ze meende soms dat ze niets voorstelde. Ze was een mooie, jonge vrouw met een diep verdriet. Dat werd steeds duidelijker. En juist daardoor kwam ze veel dichter bij de mensen te staan. Ze herkenden hun eigen onzekerheid en kwetsbaarheid in prinses Diana. Elton John zong tijdens haar begrafenis: ‘She lived like a candle in the wind’ – ze leefde als een kaars in de wind – uiterst kwetsbaar. Dat zagen veel mensen. Door die kwetsbaarheid kon ze op een bijzondere manier met kwetsbare mensen meeleven. Iemand merkte eens op: ‘Ze investeerde haar verdriet in de hoop van anderen.’ Daardoor groeide ze uit tot de volksprinses die ze was.
Zoals Diana eerst een glamourprinses was en juist door haar nabijheid bij mensen met verdriet een volksprinses werd, zo vertelt het verhaal van Jezus dat ze Hem aanvankelijk als ‘glamourmessias’ zagen, maar dat Hij door zijn lijden, zijn nabijheid bij mensen met verdriet, voor miljoenen de ‘volksprins’, de werkelijke Messias is geworden. Het lijdensverhaal van Jezus, dat in deze week centraal staat, levert ons nieuwe bril. Het toont ons dat Hij niet een triomferende held of redder was. Hij was de kwetsbare mens die naast ons staat in onze kwetsbaarheid. In Hem wordt het verhaal verteld van het tragische lot van goedheid en menselijkheid in een wereld die vooral macht en pracht hooghoudt. Hij was ‘like a candle in the wind’. Hij investeerde zijn verdriet in onze hoop.

Maar dat is niet alles. Ik leer in dit verhaal nog meer zien. In dit verhaal van Christus’ liefde, liefde voor mensen en God, liefde tot de dood toe, ervaar ik dat God op verborgen wijze aanwezig is. Zoals Jeroen van Merwijk al zei, in die liefde, die niets weegt, die je niet kunt vastpakken en tóch bestaat, is God op te merken. Ik ontvang zo een ander bril en leer door het verhaal van Jezus te zien dat er geen verlatenheid is die niet kan uitmonden in vertrouwen, dat er geen pijn is die zich niet kan ontwikkelen tot vreugde, dat er geen duisternis is die niet verlicht kan worden, dat er geen dood is die niet naar het leven leidt.

Maar dat vieren we pas komende zondag. Dan zeggen we tegen de dood: ‘Je bent niet absoluut, kijk naar het open graf, je hebt je vergist, 1 april.’

Amen

Plaats een reactie