ds. Wim Scheltens (Lunteren): ‘De Heer is onze gerechtigheid’, n.a.v. Jeremia 23: 1-6

*  Alle-Dag-Kerk, Middagpauzedienst 29 augustus 2018  *

Ds. Wim Scheltens (Lunteren)

De Heer is onze gerechtigheid‘, n.a.v. Jeremia 23: 1-6

 

We lezen een oude tekst. Uit een andere omgeving dan de onze ook. Het is een tekst uit het Midden-Oosten. En daar spreken ze niet zo rechtstreeks. Meestal een beetje omfloerst. Ik heb wat ervaring daarmee. Ik herinner me een collega uit Bethlehem, een Palestijnse dominee, die pas ’s avonds na een paar glaasjes wijn zijn hart op tafel legde. Daar moet je op verdacht zijn. In het Midden-Oosten willen ze je graag vertellen, wat je graag wil horen. Dan moet je doorvragen en dan hoor je opeens hoe het zit. Dat is ietwat vermoeiend, maar zo kom je wel een stap verder. Wij vinden het prachtig, als onze premier Rutte in het Witte Huis president Trump in de rede valt over handelsafspraken met Europa – of ze lukken of niet lukken, is niet terzake, zei de president, en opeens hoorde je premier Rutte zeggen: No!  De president deed alsof hij het niet gehoord had. Hij had dat ‘no’ beter kunnen oppakken, zodat hij dat bij de persconferentie met president Poetin niet zou hebben vergeten. Dat rechtstreekse ‘no’ vinden we leuk, gaat ook de hele wereld over.

In de profetie van Jeremia is het wat meer omfloerst. Jeremia heeft het over schapen, maar hij bedoelt mensen van Jeruzalem. Jeremia heeft het over herders, maar hij bedoelt koningen. Eén koning om precies te zijn: Jojakin, de jonge koning van 18 jaar, geliefd bij het volk. Jeremia is niet zo populair, hij is somber. De mensen vinden hem een zuurpruim. Zo staat de man Gods, Jeremia, tegenover het volk dat blij is met de jonge koning. Een nieuwe tijd: aan wat vroeger belangrijk was, geven we een nieuwe inhoud. Het is verjonging en verandering, wat de klok slaat. Dat verbond en die tempeldienst horen bij de oudere tijden. Wij beginnen iets nieuws! Dat is de sfeer van Jojakin en zijn volk.

Eerlijk is eerlijk: koning Jojakin heeft het ook niet getroffen, want na drie maanden regeren staat Nebukadnessar in hoogst eigen persoon bij de poort van Jeruzalem. Jojakin kiest eieren voor zijn geld en biedt zich aan als vazalkoning in dienst van de koning in Babel. Maar dat wordt niet geaccepteerd: Nebukadnessar voert de hele koninklijke familie weg naar Babel.
En wat staat er vlak voor onze tekstlezing? Het slot van Jeremia 22 zegt: ‘Stel deze man te boek als kinderloos.’ En dat is ook wat; hij is helemaal niet kinderloos. Jojakin heeft (in 1Kronieken 3:16) 8 zonen en in een Babylonische oorkonde worden 5 zonen van Jojakin genoemd. Maar het punt is: hij wordt gezien als mislukt, als iemand met een doelloos leven. Hier stopt de troon van David. De identiteit van Israël is weg. Dat is de eindbalans van Jeremia 22.
En dacht je nu dat het stopt? Dacht je dat de God van Israël Zich schaakmat laat zetten door de Babylonische koning of door de ontrouw van zijn volk? Of door die ellendige sfeer van leiderschap met een koning die zijn volk op een dwaalspoor zet? Als geloof ontaardt in machtsmisbruik – als geloof dus niets meer heeft van vertrouwen in Gods liefde en trouw? Als geloof bezoedeld wordt door gekonkel en misleiding?
Kom nu, als er een eindpunt wordt bereikt, maakt God een nieuw begin! Dat is het mooie van de Bijbel. En als je dat patroon één keer te pakken hebt, ga je het herkennen. Je hoort met eigen oren het Godswoord: ‘Jullie maken er een puinhoop van en zie, Ik zal aan Davids stam een rechtvaardige telg laten ontspruiten.’ Zo zien we de grondtrekken van een geloof, dat God blijft zien als Schepper, als verwekker van vertrouwen en rust, als redder uit onrecht.

Soms zeggen mensen wel eens: als er een ongeluk gebeurt op de weg, of als er bij jou een ziekte komt: “Dat is de wil van God.” Maar hier zie je het tegendeel. Want wat gebeurt, is juist niet goed  in de ogen van God. Je ziet, dat Hij daar dwars tegenin een toekomst opent, die net was dichtgegaan. Voel het verschil! Jeremia 22 zit met een stukke toekomst, een verloren identiteit. En dan volgt in Jeremia 23 het Godswoord met de echte vernieuwing: een jonge telg aan de aloude en geliefde stam van David. Jeremia 23 heeft de sfeer van opluchting: ‘Gelukkig, het gaat toch door, want God is er ook nog!’

Voor wie het Kerstfeest kent en de woorden van de engel Gabriël over de troon van David voor het Kind dat wordt geboren en de zoon die wordt gegeven – ach, aan zijn koningschap zal geen einde komen. Ja, wie daarvan weet, kan denken bij Jeremia 23 aan het Kerstkind Jezus, geboren in Bethlehem – de Man van Nazareth, de Man van Smarten, gekruisigd op Golgotha in Jeruzalem en opgestaan in de tuin van Arimatea, ook in Jeruzalem. Ach ja, aan zijn koningschap zou immers geen einde komen!

Waar de toekomst stopt, maakt God een nieuw begin. Dat is het geheim van Pasen. En dat koningschap is er nog steeds en wel: ons tot heil!
Dat koningschap staat in het licht van de Godsspraak: ‘De jonge telg uit het geslacht van David zal naam maken ons ten goede, want de Heer is ons tot gerechtigheid.’ Wij zullen te midden van alle onrecht en geweld, misvattingen en vernederingen deel krijgen aan de gerechtigheid van God. Sterker: de Here God is ons tot gerechtigheid. Hij spreekt niet alleen recht, Hij doet ook recht. De komst van Christus is daar het sprekende bewijs van – voor u en voor mij. Ons hele geloof mag daarop gericht zijn, opdat ook wij recht doen aan elkaar en aan Christus.

Geloof is dus vooral gericht op Gods reddende uitweg – van het herstel van een verloren identiteit en het scheppen van hoop, het investeren van liefde en het schenken van heil uit een onpeilbaar diepe bron die nooit zal opdrogen.

Dat mogen we vieren, ook met de Alle-Dag-Kerk. Daarop mogen we bouwen in ons geloof. En in dat geloof ziet God ook ons zitten voor tijd en eeuwigheid. Daar mogen we op vertrouwen.

Amen



Toespraak van Mark Hafkenscheid (bestuurslid Stichting Alle-Dag-Kerk)
bij het afscheid van Ds. Wim Scheltens als voorzitter van het bestuur

Beste mensen,
Vandaag is het moment dat we, tijdens de Middagpauzedienst, officieel afscheid gaan nemen van Wim Scheltens als voorzitter van het bestuur van Stichting Alle-Dag-Kerk. Mijn naam is Mark Hafkenscheid en het doet mij een genoegen dat ik hier, als bestuurslid, maar ook persoonlijk, het woord tot jou mag richten, Wim.

Beste Wim,
Acht jaar voorzitter zijn is niet niks, een lange tijd met heel wat ontwikkelingen. Zowel binnen de ADK, maar ook in de binnenstad van Amsterdam, is er veel veranderd.

Laten we een tijdreisje maken. Acht jaar geleden …

… Toentertijd werkte ik hier om de hoek bij de Optiebeurs en kwam tijdens lunchtijd naar de Middagpauzediensten. We zaten toen in het hoogtepunt, of moet ik zeggen het dieptepunt, van de financiële crisis.
Een andere tijd, ook voor Amsterdam. Amsterdam was nog uitermate druk bezig met het aanleggen van de Noord-Zuid metrolijn. En verschillende huizen en gebouwen aan de Vijzelgracht verzakten door de aanleg van de metrotunnel letterlijk een paar centimeter in de diepte. Het Rokin was nou niet bepaald een aantrekkelijke straat, maar bij de Munt stond de V&D als vertrouwd herkenningspunt.
Ook voor het bestuur van de ADK was er in die tijd een dieptepunt. Onze toenmalige voorzitter, Ton Bolland, werd plotseling ongeneeslijk ziek. Hij heeft toen aan jou gevraagd om het voorzitterschap over te nemen.

Wat me meteen opviel toen jij aantrad als voorzitter, was hoe verbonden jij je voelde met de ADK. Vanuit jouw verleden was je zeer bekend met de Middagpauzedienst en de geschiedenis van de ADK. Jij kon mij namen noemen uit het rijke verleden die ik niet kende. Misschien mag ik zelfs zeggen dat jouw aantreden als voorzitter in bepaalde mate een verwezenlijking was van goede herinneringen en ervaringen. In die tijd trokken de Middagpauzediensten een aanzienlijke vaste schare bezoekers die zich ook met de ADK verbonden voelde. En natuurlijk hadden we een trouwe groep vrijwilligers.

Sindsdien is de tijd natuurlijk voortgeschreden en laten we eens samen kijken naar een paar zaken die voor jou aan de orde zijn geweest. Een korte terugblik:
Jij hebt als voorzitter de eer gehad om twee keer een jubileum mee te maken en natuurlijk te helpen organiseren.
  Ons grootse 80-jarig jubileum in 2012. Bij die festiviteiten heb je twee keer gesproken: een herdenkingswoord over de geschiedenis van de ADK én een meditatie.
  In de viering van het 85-jarig bestaan, 20 september 2017, heb je een overweging uitgesproken, met een titel die veel over jou zegt: “Het Woord van onze God houdt altijd stand”. Je hebt trouwens bij die gelegenheid twee dames uit Lunteren meegenomen, die optraden met harp en zang. Ik heb toen gehoord dat de bezoekers daar erg van hebben genoten.

Je bent een geboren Bloemendaler (toch?), en je had al vroeg interesse voor Radio Bloemendaal. En in jouw ADK-periode heb je hiermee natuurlijk ook te maken gehad. De contacten met het ‘Bloemendaal’-bestuur zijn altijd nauw geweest en heb je als voorzitter goed onderhouden.

Je bracht ook je persoonlijke interesse naar de ADK. In 2012 en 2016 hebben jongeren uit Israël en de Palestijnse gebieden, samen met hun begeleiders uit België en Nederland, een ADKdienst meegemaakt. Dit bezoek maakte grote indruk op de ADK-bezoekers, met name hun enthousiast gezongen lied.
De ADK heeft een verleden dat teruggaat tot 1932, en dus ook een bijbehorend archief, maar niet een vaste plek om het op te bergen.
Jij was zo vriendelijk dat we deze geschiedenis bij jou thuis mochten opslaan. Geef ons nog even de tijd, we proberen er zo spoedig mogelijk een nieuwe plaats voor te vinden.

En laten we niet het volgende vergeten. Bijna wekelijks heb je de ADK-diensten meegemaakt. Een hele opgave die blijk geeft van toewijding: helemaal van Lunteren naar Amsterdam. Met de auto naar Diemen en dan met tram 9 naar de binnenstad. Je was een goede gastheer voor de voorgangers, op deze plek was jij op je best, en dat heeft jou veel voldoening gegeven. Je hebt wel eens gezegd dat je telkens weer verrast was over de inhoudelijke gesprekken die je met de voorgangers kon voeren.

We zijn nu acht jaar verder. Door de opening van de NoordZuidlijn is lijn 9, de tram die jij naar de binnenstad nam, opgeheven.
Ik werk niet meer bij de Effecten- en Optiebeurs, en het financiële hart heeft zich verplaatst naar de Zuid-as. Waar we trouwens, onder leiding van jouw voorzitterschap, het project De Nieuwe Poort hebben geholpen bij het opstarten.

Het welvertrouwde pand van V&D is leeg, maar de rest van het Rokin is nu aan het floreren en trekt veel bezoekers. De huizenprijzen vliegen de pan uit.
En ook op kerkelijk gebied zijn er allerlei nieuwe initiatieven in Amsterdam.
Tegelijkertijd is er ook bij ons hier, in de ADK veel veranderd. Vaste trouwe bezoekers zijn helaas weggevallen. Ook is het moeilijker om nieuwe vrijwilligers te vinden. En onze inkomsten lopen langzaamaan terug. De nood is nog niet aan de man, maar Amsterdam en het kerkelijk landschap veranderen snel. Dat betekent voor de ADK dat we mee zullen veranderen, meer bedding in de hoofdstad zoeken en alle lokale ontwikkelingen van dichtbij volgen.

Voor de ADK begint weer een nieuw hoofdstuk. Ook voor jou. Jij bent onderdeel van onze geschiedenis, maar ook van onze toekomst. Want Wim, hoewel we je niet meer wekelijks zullen zien, blijf je vanzelfsprekend twee keer per jaar bij ons voorgaan. En we nemen aan dat jij en Ria de ADK-diensten zo af en toe zullen bijwonen, bijvoorbeeld als jullie in Zandvoort op vakantie gaan.

Kortom –
Namens het bestuur, dank voor alles wat je voor de ADK hebt betekend!
Beste Wim, veel dank voor je toewijding, het ga je goed en Gods zegen over jouw werk.

Ik zou u allen willen uitnodigen om Wim een hartelijk applaus te geven als blijk van waardering.

⊂⊃