mgr.dr. Dick Schoon: ‘Verblijdt u met Jeruzalem’ n.a.v. Brief aan de Filippenzen

*  Alle-Dag-Kerk, Middagpauzedienst 16 maart 2016  *

Voorganger: Mgr.dr. Dick Schoon. Amsterdam

‘Verblijdt u met Jeruzalem’ n.a.v. Brief aan de Filippenzen

Broeders en zusters, veertig dagen volgen we Jezus op zijn weg naar Pasen. Vorige week vierden we nog zondag Laetare, ‘Verblijdt u met Jeruzalem’. Het leek het erop alsof de weg van Jezus een succesvolle zou zijn, alsof het licht van Pasen binnen handbereik lag. Jezus zou koning worden van het nieuwe Israël, de Romeinen uit het land verdrijven en de tempel reinigen. Een succesverhaal van een revolutionair, die oude machten wegvaagt en nieuwe daarvoor in de plaats zet. “Verblijdt u met Jeruzalem,” zongen we vorige week, omdat we dachten dat dat succes binnen handbereik lag. Maar daarna begon de ernst van Jezus’ tocht naar Jeruzalem tot ons door te dringen. Geen successtory, maar een afgang. Jezus gaat naar Jeruzalem om koning te worden, maar wat voor koning? Een koning die vanaf het kruishout regeert! De nieuwe orde die hij vestigt, waar is die? Zijn dood aan het kruis is het failliet van al onze goede bedoelingen.

Als er iemand is, die dit menselijke falen gepeild heeft, is het de apostel Paulus. Als hij zijn brief aan de gemeente van Filippi schrijft, zit hij in de gevangenis. Hij is gevangen genomen, omdat hij de orde verstoorde. Maar hij duidt zijn gevangenschap ruimer: hij is gevangene, niet van mensen, maar van het evangelie zelf, hij is met huid en haar verknocht aan de verkondiging van de blijde boodschap en hij is bereid omwille van het evangelie alles prijs te geven, ook zijn eigen leven. “Om Christus heb ik alles prijsgegeven,” schrijft hij, “om hem houd ik alles voor vuilnis.” Alles wat hij heeft bereikt in zijn leven en met zijn prediking, alles waarop hij trots zou kunnen zijn, dat valt in het niet bij de zekerheid dat hij in Christus deel heeft aan het eeuwige leven. “Ik wil Christus kennen,” schrijft hij vervolgens.

En ‘kennen’ in de bijbel is niet iets dat je met je verstand doet, het is niet iets rationeels of intellectueels, maar ‘kennen’ duidt op een innige gemeenschap, zoals een man een vrouw kent en daardoor nageslacht verwekt en gericht is op méér dan zichzelf, op het doorgeven van het leven. Zo zegt dan Paulus dan ook: “Ik wil de kracht van Christus’ opstanding gewaarworden en de gemeenschap met zijn lijden. Ik wil steeds meer op hem lijken in zin sterven om eens te mogen komen tot de wederopstanding uit de doden.” Je hoort in deze woorden, dat voor Paulus het uiteindelijke doel van zijn leven verder ligt dan zijn huidige bestaan. Hij kan het lijden dat hij doormaakt, zijn vervolging en gevangenschap, aanvaarden, omdat hij weet dat hij Jezus volgt, die hem is voorgegaan door lijden en dood heen naar de opstanding. Hij heeft zijn doel nog niet bereikt, maar in zijn geloof vindt hij steun en kracht om de verwachting van de opstanding vast te houden.

Broeders en zusters, ook wij zijn op weg. In deze veertig dagen volgen we de weg van Jezus, die lijkt dood te lopen op het kruis, dat failliet van menselijke inspanning. De goedheid die Jezus in woord en daad heeft getoond, toen hij de wet van Mozes bevrijdend uitlegde en toen hij mensen genas van al hun kwalen, die goedheid wordt door onze wereld niet geaccepteerd, daar wil onze wereld niet aan. Zij kiest ervoor de dienstknecht van de Heer uit de weg te ruimen en denkt dat zij het zelf wel redt. Het is het menselijke egoïsme dat lijkt te triomferen als Jezus straks aan het kruis hangt en in zijn verlatenheid om God roept. Maar Gode zij dank, dat na Goede Vrijdag Pasen volgt, als blijkt dat Gods goedheid groter is dan alle kwaad in de wereld. Zelfs het kwaad waarmee wij elkaar naar het leven staan, het kwaad waarmee wij van God noch gebod willen weten, dat verliest zijn kracht als blijkt dat de dood is overwonnen.

Met dit weten voor ogen kan Paulus vanuit zijn eigen gevangenschap de gemeente van Filippi bemoedigende woorden schrijven. En met dit weten voor ogen heeft het ook voor ons zin om ons in te zetten voor een leefbare, menselijke wereld. Ook al lijkt onze wereld verloren te gaan in het geweld van de ene mens tegen de andere, in haat en in oorlog, dan wéten we dat dat Gods heilsplan met onze wereld niet kan tegenhouden. Daarom willen ook wij net als Paulus, Christus kennen en in gemeenschap met hem leven, om door het duister van Goede Vrijdag heen deel te krijgen aan de opstanding met Pasen.

Amen.