dhr. Leo Fijen: ‘Durf te getuigen van ons geloof in Christus’, n.a.v. 2 Timotheüs 1: 6-8 en 13-14

*  Alle-Dag-Kerk, Middagpauzedienst 2 oktober 2019  *

Voorganger: dhr. Leo Fijen (Maartensdijk)

Thema: ‘Durf te getuigen van ons geloof in Christus‘, n.a.v. 2 Timotheüs 1: 6-8 en 13-14

Het gaat deze week om de moed van je geloof te getuigen. We hoeven ons niet te schamen, zo lezen we in de Heilige Schrift. Ik moest toen denken aan de 50plusbeurs, een paar weken geleden. Van alarmsystemen tot vakantiereizen, van speciaal ondergoed tot nieuwe technieken voor je ogen en oren. Alles is daar, voor de buitenkant. Ik was de enige standhouder met voedsel voor de ziel. Ik stond daar met het magazine over kloosterleven dat ik anderhalf jaar geleden begon. Geen posters, geen herkenning van KRO-NCRV, een kale stand tussen vermakelijke affiches van andere standhouders. De leiding van de beurs had me nog zo op het hart gedrukt: kom niet, verwacht niets, want ouderen zijn daar voor koopjes en geschenken en willen niets over geloof horen. Ik ging toch en verkocht tientallen abonnementen (Als u ook wilt, ga dan naar kloostermagazine.nl). Niet omdat ik zo’n goede verkoper ben, lukte het. Nee, omdat ik onbevangen aandacht vroeg voor het geloof.
De tijd is er rijp voor. Kijk naar De Volkskrant van afgelopen weekend. Zes pagina’s over de zin van het leven, geschreven door een journalist die de dood in de ogen keek en toen op zoek ging naar antwoorden op zijn eigen vragen over dit bestaan. Hij formuleerde zes leerpunten. Van kwetsbaarheid tot verlangen naar gemeenschapszin, van de dag plukken tot de betekenis van religie. Ook dat werd genoemd. En hij verduidelijkte dat op de radio, NPO Radio 1.
Een mens kan pas groeien door en in een relatie tot de ander. Pas wanneer een mens beseft dat het niet om jezelf gaat maar om de ander, word je meer mens en kun je in de ander ook de Ander ontdekken. Als je die vreugde hebt leren kennen, kun je niet meer zwijgen.
Ik kan niet meer zwijgen rond het sterfbed. Als ik door de familie word geroepen om bij de stervende te komen, zie ik veel ongemak. Niemand weet wat er mogelijk is in zo’n ontzagwekkende situatie. Ik zie de mensen en hun verdriet en ik zie ook dat ze geen woorden meer hebben. Ik vraag dan altijd: ‘Zullen we maar bidden?’ ‘Ja,’ zegt dan iedereen. Ik reik boekjes uit, ontsteek het licht dat verwijst naar het Eeuwige Licht, bid een psalm met allen, vraag ontferming om fouten en tekorten en leg dan mijn handen op het hoofd van de stervende. Ik bid dan tot God om ontferming en genade. En ik vraag of iedereen datzelfde wil doen.
Een oude vrouw lag in coma en kon niet sterven. De familie waakte al vijf dagen en nachten. Toen werd ik geroepen. Daarop vroeg ik te bidden en de handen op te leggen, naast het licht van de kaars. Binnen een half uur was de oude vrouw gestorven en kon iedereen naar huis. Wij deden het niet, het was God die door ons Zijn genade toonde. Zo kun je je geloof tonen.
Dat doe je makkelijker als je ooit door God gevonden bent. Mij gebeurde dat bij de geboorte van onze zoon. Bij onze dochter ging alles mis rond de geboorte. Zij haalde het maar net. Dus werd het door de artsen voor onmogelijk gehouden dat onze zoon op een gewone wijze geboren zou worden. Het werd een keizersnee, om 7.00 uur in de ochtend. Ik had de wekker gezet en mocht erbij zijn. Maar om 1.00 uur in de nacht werd ik gebeld. Door het ziekenhuis, of ik met spoed wilde komen. Ik kon het niet geloven en dacht dat ik droomde. Tenslotte was ik net op tijd om te zien hoe onze zoon ter wereld kwam. Geen operatie, geen levensbedreigende situatie. Een wonder. Toen ik de ouders belde over deze geboorte, kon ik alleen maar huilen. Omdat ik aangeraakt was door God zelf.
Kortom, durf deze verhalen te vertellen, schaam je niet. En als het niet lukt of als het niet het juiste moment is, weet dan: ook en juist als we falen, is God bij ons. God kan niet zonder onze tekortkomingen. Daarom kan Hij juist God zijn. Zo’n God wil je toch altijd delen met iedereen.
Amen.

Plaats een reactie