dr. Ciska Stark (Lexmond): “Erbij geroepen” n.a.v. 2 Corinthe 1: 3 t/m 7

* Alle-Dag-Kerk, Amsterdam – Middagpauzedienst 23 september 2020 *

Voorganger: dr. Ciska Stark (Lexmond)

Meditatie: “Erbij geroepen” n.a.v. 2 Korinthiërs 1: 3-7 Herziene Statenvertaling

De afgelopen week is het herdacht, soberder dan anders, maar even indrukwekkend: Operatie Market Garden. Meer dan 76 jaar geleden riep Nederland, bij monde van de regering, de koningin destijds, de geallieerden te hulp bij de bevrijding van Nederland. Dat ging niet vanzelf. Degenen die zich erbij lieten roepen, leden zelf zware verliezen. Ik ben ooit met een collega uit Amerika op Margraten geweest. Zijn vader lag daar begraven, hij had hem nooit gekend, want was twee maanden na de dood van zijn vader geboren. Ook hier in Nederland vielen slachtoffers. Toch lieten mensen zich ‘erbij roepen’.

Precies die term, ‘erbij roepen’, vormt de kern van het gedeelte dat we hoorden uit 2 Korinthe 1. Maar liefst 10 keer komt het tevoorschijn in de 5 verzen die we gelezen hebben. Als u zegt: dat heb ik helemaal niet gehoord, dan klopt dat want er staat in onze vertaling niet ‘erbij geroepen’. Het is vertaald als troost, vertroosting. En dat is zo’n centrale term hier, dat je zou kunnen zeggen: geen christendom zonder dit gegeven: erbij roepen en erbij geroepen zijn. Dat is de essentie van troost in bijbels perspectief.

Op afstand schrijft de apostel Paulus een brief. Dichtbij komen kan hij niet. Er is fysiek en geestelijk afstand tussen hem en de gemeente in Korinthe. Dat is lastig, in de communicatie. Dat ervaren wij ook dagelijks momenteel.

En dan zoekt hij naar verbinding. Een gemeenschappelijke basis. En die vindt hij in wat ze samen nodig hebben: vertroosting van God, erbij roepen van God.

Geprezen zij de God en vader van onze Heer Jezus Christus, de God aller vertroosting. God als bron van alle troost. Degene die zich erbij laat roepen. Het is een heel intiem beeld, zoals Jeremia God al schetste als een moeder die troost. Want wat doe je, als je troost, als je zorgt? Erbij zijn. Je loopt niet weg. Ook al is er afstand, geestelijk, lichamelijk. Ook al kost het moeite, bloed, zweet en tranen, 76 jaar geleden of vandaag op weer heel andere wijze.

Paulus valt voor wat hij aan troost en verbinding te bieden heeft niet terug op zichzelf alleen, maar hij verwijst naar de bron van alle troost, naar God. Hij zegt: doordat wij troost ontvangen, kun je anderen in al hun ellende moed, troost, geven. Het ontvangen gaat voorop. We leven van wat we ontvangen.

Dat is een praktische wijsheid, je moet kunnen ontvangen om te kunnen geven: iets wat iedere therapeut zal beamen. Maar voor een gelovige is het misschien nog meer dan dat, het is een gave, om te kunnen ontvangen en te willen delen. Om te kunnen leven met open handen, in het besef van afhankelijkheid. Van elkaar, van de Erbij Geroepene. No man is an island. Niemand is een eiland. We zijn geroepen om te delen.

Delen? Wat delen we dan? Ons leven, lief en leed.

Paulus voelt op dat moment vooral het leed. Hij verwijst naar het lijden van Christus. We delen in zijn lijden. En dat is niet iets van: hij heeft het ook meegemaakt. Dat is slechte troost, mensen die zeggen: ‘ik heb het ook gehad en misschien nog wel een graadje erger.’ Daar gaat het niet over. Jezus heeft geen Corona meegemaakt.

De troost die God ons door Christus geeft, is de troost van Hem die weet wat lijden is. Christus kent niet alleen het lijden – tot in de diepste versmaadheid en angst zegt het oude avondmaalsformulier – , Hij kent óns. Liet zich erbij roepen, bij een vrouw die hem wilde aanraken, sprak niet minachtend over de koorts van de schoonmoeder van Petrus, liep niet met een boog om de melaatse heen, het andere pad bij de supermarkt in en deinsde niet terug bij de dood van zijn vriend Lazarus. Zo is Hij degene die ons vandaag aanspreekt. Kent. Roept.

Je mag Hem erbij roepen. Als Trooster. God kom mij te hulp, Heer haast u mij te helpen is de klassieke opening van het avondgebed. Om vol te houden in tijden van Corona. Om elkaar op de been te houden in tijden van eenzaamheid. Om de politiek erbij te roepen als het echt anders moet.

En dat is best een uitdaging vandaag. Die roeping kun je niet alleen dragen. Die troost ervaar je niet altijd. Soms kun je alleen maar roepen: erbij roepen. Om deze missie van Jezus’ volgelingen waar te maken, heb je vereende krachten nodig, allied forces, geallieerden. Waarom zouden wij als christenen niet de ‘geallieerden’ vormen in deze wereld?

In 2 Corinthe is het God die de erbij geroepene genoemd wordt. Zozeer is het ‘erbij roepen’ en ‘geroepen zijn’ het wezen van God, dat Christus als degene die deelt in het lijden naast ons staat en er één is die Trooster genoemd wordt: de paracleet, de erbij geroepene. Dat is de Heilige Geest. Dat is de Geest van God, die in mensen aanwezig is als stille kracht, de verzuchtingen van ons hart hoort en de inspiratie gaande houdt. Want als jij overvraagd wordt, soms opgeeft, dan gaat de Geest verder.

Hij laat zich erbij roepen. En ieder die zich erbij laat roepen, staat in het spoor van die Trooster. Totdat er geen rouw, geen dood, geen ziekte en verdriet, geen oorlog meer zijn zal.

Amen

Plaats een reactie