ds. Aart Mak: ‘Het stof van je voeten…’ n.a.v. Matteüs 10: 11-16

*  Alle-Dag-Kerk, 3 augustus 2016  *

Voorganger: ds. Aart Mak, Bloemendaal – Kerk zonder Grenzen

‘Het stof van je voeten…’ n.a.v. Matteüs 10: 11-16

Stof ben je. En tot stof zul je weerkeren. Aarde tot aarde, stof tot stof. De klassieke uitspraak bij de dood. Een mens keert terug naar waar hij vandaan kwam. Uit aarde genomen, je krijgt de geest ingeblazen. Je gaat leven. Tot je de laatste adem geeft… Je lichaam wordt weer onderdeel van de materie. Stof.
Dat stof is overal en altijd. Je moet stof afnemen maar evengoed komt het er weer bij.
Maar soms moet je het stof van je voeten afschudden. Mooie beeldspraak. Blote voeten. Sandalen. Zand tussen je tenen. Maar dit is zinnebeeldig bedoeld. Het gaat om een levenshouding. Als mensen je niet willen ontvangen. Als ze niet naar je willen luisteren. Als het ze niets interesseert wie je bent en waar je voor staat, ga dan weg en schud het stof van je voeten.

Ik werk voor Kerk Zonder Grenzen en heb contact met allerlei mensen die luisteren naar de zender die ook deze diensten van de ADK uitzendt. U mag weten dat ik het advies om het stof van je voeten te schudden nog wel eens geef aan mensen. Laat het! Doe er niets meer mee! Nogal wat met name ouderen zijn tamelijk vasthoudend als het om relaties gaat. Je moet er toch zijn voor elkaar, zeggen ze. Je mag iemand niet zomaar in de steek laten, zeggen ze. Er staat toch in de bijbel dat je elkaar moet liefhebben? Ik had een moeder bij wie het woord opoffering tot haar veelgebruikte woorden hoorde. Zo ben ik ook grootgebracht. Je bent er in dit leven er niet voor jezelf maar voor anderen. Dus hoe zou je anderen in de steek kunnen laten? De theorie is mooi. Maar nu de praktijk.

Dan moet ik u een aantal situaties noemen waarin mensen zich laten knechten, omwille van het gebod der liefde. Want liefde is helaas manipuleerbaar. Een vrouw wordt beledigd, getergd, tot op het bot gekwetst. Maar ze loopt niet weg. Haar vriend heeft kanker. Die kun je niet in de steek laten, vindt ze. En hij maar uitbuiten, een ziektewinst in het kwadraat. Of ouders die in hun goedheid door hun volwassen kinderen gebruikt worden. Lekker handig. Je eigen leven leiden. Kinderen hebben maar anderen de prijs laten betalen. De grootouders durven toch nooit nee te zeggen. Nogmaals: liefde staat open voor manipulatie.

En daarom moet je soms weglopen. Adieu zeggen. Iemand de rug toekeren. Er een punt achter zetten. Kiezen voor jezelf. Het stof van je voeten schudden.

Dat wil niet zeggen dat je niet eerst alles geprobeerd hebt. De tekst komt uit de beginperiode van het christendom. Toen de christenen nog mensen van de weg heten. Zwerfgelovigen, zou je kunnen zeggen. Ze trokken van hot naar haar. Ze leefden van de geef, voorzagen soms in hun eigen eten, zoals Paulus die tenten maakte om enig inkomen te hebben. Maar ze waren onderweg, afhankelijk van de gezindheid en gastvrijheid van anderen. En dan wordt hun door hun meester geadviseerd overal vrede te brengen. Op zoveel mogelijk plaatsen. Wenst elkaar de vrede! Eén moet dat als eerste zeggen. Dat is de roeping van volgers van Jezus. De eerste zijn in het elkaar vrede brengen. Maar niet altijd en niet bij iedereen. Niet iedereen blijkt het waard te zijn. Bij nader inzien. Verspil dan je goede woorden niet. Van niemand wordt het uiterste gevergd. Het moet wel te doen zijn. Ik herinner me van jaren geleden een preek van een Amsterdamse dominee die het gebod om je ouders te eren – u weet, het staat in de bijbel: eert uw vader en uw moeder – als volgt uitlegde: eert je ouders, zeker, maar ook voor zover zij het waard zijn. Dat was toen, vond ik, bijna revolutionair. Het was de tijd dat sommige christelijke ouders bij hun kinderen gehoorzaamheid afeisten vanwege dit gebod.

Weet u, het is onmogelijk om met iedereen vriendschap te hebben. Maar dan moet je het ook niet heimelijk tóch willen. Ik weet het: dit valt sommigen zwaar: nee zeggen. Een streep trekken. Niet alles kunnen. Niet met iedereen. Sommigen ervaren dit als tekort schieten. Ook in geloof. Mag je wel voor jezelf kiezen? Maar mensen zijn uiteindelijk verantwoordelijk voor hun eigen daden. En ook voor hun woorden. Die kunnen evengoed beschadigen en vernietigend inwerken. Volgens het evangelie komt dat wat je zegt of doet uiteindelijk terug op je eigen hoofd. Het lot van de steden Sodom en Gomorra – een beroemd voorbeeld in de oudheid hoe catastrofaal de gevolgen van je eigen daden kunnen zijn – zal draaglijker zijn, staat er.
Overdrijven is ook een kunst, maar er moet hier iets duidelijk worden gemaakt. Alles hangt namelijk met elkaar samen. Wie het zwaard grijpt, zal door het zwaard vergaan, zegt Jezus ergens anders. Het kwaad gaat een keer aan zichzelf ten onder. Niets, ook de vervloeking en de boze daad, blijft zonder gevolgen. Ook dat is een deel van geloof. Omdat het soms lijkt alsof dat niet waar is, het kwaad te machtig is en tirannen als Mugabe stokoud worden, terwijl fantastische mensen jong sterven…

Terug dan weer naar de menselijke maat. Laten we het over ons hebben. U kunt veel betekenen voor anderen. Dat is zo. Maar u kunt niet voor anderen verantwoordelijk zijn. Ook dat is zo. Doe daarom wat je kunt, maar laat het dan ook. Zaai het goede, voor zover u kunt, maar ontwikkel niet de behoefte om ook de oogst te willen zien. En wees op je hoede. Een laatste advies. Niet alleen een ongeluk zit in een klein hoekje. Ook wat een ander jou kan aandoen. Lichamelijk en vooral geestelijk. De eerste generaties christenen waren zich daar zeer van bewust. Ze konden worden verraden, gevangen en geëxecuteerd, omwille van hun geloof, net als degene naar wie ze zich noemden. In al hun kwetsbaarheid waren ze als schapen onder de wolven. Kwetsbaar? Toen zeker. Nu ook? Anders maar nog steeds. Kwetsbaar als schaapjes tussen de wolven zijn de mensen die niet meedoen met het alom heersende cynisme. Mensen die handelen met geloof, hoop en liefde, zijn er gelukkig velen. Maar vaak moeten zij zich verweren tegen de onverschilligheid, de platitudes en het politieke narcisme van deze tijd. Daarom is het goed als er mensen zijn die een ander hopen te redden, lichamelijk, geestelijk. Mensen die bereid zijn veel te doen. Maar niet ten koste van alles. Wees scherpzinnig als slangen maar behoud de onschuld van de duiven, staat er. Voorzichtig en argeloos, staat in een andere vertaling.

Dit is een prachtige paradox. Je kunt allebei tegelijk zijn in je omgang met mensen. Open en behoedzaam. Altijd in voor iets nieuws maar ook bewust dat het bitter kan tegenvallen. Graag bereid goed te doen, vrede te wensen. Maar niet zonder nadenken. Aardig maar niet onnozel. Als een kind maar ook je levenservaring gebruikend. Wat mij betreft duidt dit ook op de kunst van het evenwicht. En dat kun je alleen als je in al je behulpzaamheid voor anderen – noem het roeping – je niet afhankelijk maakt van het resultaat. Maar ook niet van het compliment. Doe wel en zie niet om, luidt het oude en wijze advies. Wees van jezelf. Laat anderen niet bepalen wie je bent en wat je van jezelf vindt. Maak je niet afhankelijk van het oordeel van anderen. Oordeel je zelf alleen. Of dat zelfs niet. Laat het oordeel over aan God.
Schud daarom het stof van je voeten. Tijdig. Als je kunt. En laat tenslotte ooit je stof achter hier op aarde, aarde tot aarde, stof tot stof, om weer te keren bij degene die jou gewild en gemaakt heeft. Die zal oordelen. En niemand anders…