ds. Annette Driebergen: ‘Liggen in het gras’ n.a.v. Marcus 6: 30-34

*  Alle-Dag-Kerk, 15 juli 2015  *

Voorganger: ds. Annette Driebergen

‘Liggen in het gras’ n.a.v. Marcus 6: 30-34

Een tijd geleden was ik op een studiedag voor predikanten. Die dag ging over het Bijbelboek Marcus, het boek dat we zojuist opendeden. Er was midden op de dag, rond de lunch, een pauzeprogramma. Dat onderdeel heette: Marcus in beweging. Dat was een toepasselijke titel. We leerden die dag dat Marcus de evangelist van de snelheid is, de evangelist van de haast. Zijn bijdrage aan de bijbel is het kortst van alle vier evangeliën. Marcus schrijft alsof hij geen tijd te verliezen heeft. Geen aandacht voor de geboorte van Jezus, geen langzame start …. Marcus valt met de deur in huis, hij stuurt Jezus op weg. Aan het werk. En onderweg laat hij Jezus van hot naar her gaan, altijd omringd door mensen, vragende mensen. Altijd in de weer met vertellen van verhalen, met ontmoetingen met zieken, met gewonden van hart. Marcus heeft haast. In de eerdere Bijbelvertaling kon je dat terugzien in een karakteristiek ‘Marcus’ woord: terstond. Dat woord heeft in ons taalgebruik eigenlijk niet meer echt een plek, maar u kunt zich er misschien nog wel iets bij voorstellen. En hup, zouden we misschien nu zeggen. En hup, naar het volgende. En hup, weer verder. Geen tijd om te liggen in het gras. Niet voor Marcus, niet voor Jezus, niet voor de vrienden van Jezus die met hem mee trekken.

Met die ingrediënten – Marcus als verteller zonder rust – gingen we dus dat pauzeprogramma in: Marcus in beweging. We lazen het gedeelte dat we hier ook net lazen, een paar verzen uit Marcus 6. Daar is opnieuw een komen en gaan van mensen, hectiek om Jezus heen. Precies zoals ik al zei, kenmerkend voor Marcus. Maar middenin die woorden staat dan ineens een oproep: Laten we naar een eenzame plaats gaan om alleen te zijn en een tijdje uit te rusten. Rust een weinig. Midden in al dat geren en gevlieg ineens dat. Rust een weinig. Ik vertaal het vandaag zo: Even liggen in het gras. Kijk naar de wolken. Kom tot jezelf. We speelden het, in dat pauzeprogramma, kunt u het zich voorstellen? Het was mooi weer en ineens gebeurde het. 75 dominees, liggend in het gras. Oproep van Jezus. Voor ons, daar op die studiedag. Voor mij was dat het mooiste moment van de dag. Natuurlijk, het is heerlijk om dingen te leren. Om nieuwe dingen te horen. Om in de bijbel te duiken met mensen die daar ook mee bezig te zijn. Maar dit moment in het gras bleef het langst hangen.

Liggen in het gras. Het thema heb ik niet van mezelf, het is de titel van een boekje van Toon Hermans, de man die alles zo treffend kon zeggen. Het gedicht waar het boek naar is genoemd, is maar kort …. Twee coupletjes. Het eerste gaat zo: Hier lig ik in ’t gras – dichtbij een zacht gepiep – ik voel weer hoe het was – toen God de aarde schiep. Liggen in het gras …. misschien is het al heel lang geleden dat u het hebt gedaan. Misschien bent u er fysiek niet meer toe in staat, want hoe moet u dan overeind komen? Maar u herkent vast wat dat beeld oproept: als je ligt in het gras, zie je wolken voorbij trekken … je prikkelt je fantasie, doordat je giraffen herkent of olifanten of de oren van een reus. Als je ligt in het gras, ruik je de geur van gras, voel je de torretjes over je hand lopen, hoor je het geknisper van kleine diertjes …. voel je graspolletjes in je rug prikken. Er gaan andere zintuigen open als je onder Gods hemel ligt of zit, als je buiten nadenkt over het leven. Is die ruimte er nog voor mensen van 2015? We zijn eerder geprogrammeerd zoals Marcus zijn verhaal vult: bezig, rennend van hot naar her. Best vermoeiend eigenlijk. En hup …. En hup … en hup. Is er nog tijd om te liggen in het gras?
Jezus heeft zijn vrienden op weg gestuurd. Je leest erover in het eerste deel van Marcus 6. Hij heeft ze op weg gestuurd om zelf te doen wat Jezus deed: vertellen, zieken zalven en genezen … ze verspreiden het nieuws over het koninkrijk door Israël. En dan komen ze terug. Vol verhalen … vol indrukken. En wat wil je dan? Dan wil je je verhaal kwijt … ervaringen delen, vragen stellen over het hoe en waarom … dan wil je in de kleine kring van mensen zijn waar je dat mee kunt, waar je jezelf kunt zijn … even uit kunt puffen … waar je je moeite kunt verwoorden en je geluk kunt delen. Dat is best lastig in de buurt van Jezus. Want er zijn altijd anderen. Maar Jezus heeft er oog voor. Hij snapt waar zijn vrienden naar verlangen, naar een moment samen … even rust. Samen liggen in het gras. En misschien verlangt hij er zelf ook wel naar. Hoe zeggen we dat? De boog kan niet altijd gespannen staan. Jezus gunt ze hun moment met hem, hun moment met elkaar. Rust. Even niks. Mijmeren, ervaringen delen … samen zijn. Proeven wat de afgelopen periode met je heeft gedaan. Mooi dat ze die kans krijgen.

Hoewel? Het gaat toch weer anders. We lazen het. Ze worden achtervolgd. Als Jezus met zijn vrienden in de boot stapt, sprint een colonne mensen al weer naar de plek waar ze aan land zullen komen. Weg rust. Waar je je op verheugd hebt, gaat niet komen. Niks liggen in het gras. Aan de arbeid, alweer. Luisteren, spreken, dichtbij mensen zijn. Om moe van te worden. Jezus kan niet anders, blijkbaar. Bij hem tellen andere zaken. Hij voelt de vraag van zijn vrienden heel goed. Maar hij verstaat ook het verlangen van de menigte. Hij weet wat ze nodig hebben. Hem. En hij geeft zichzelf. Met hart en ziel. Dan maar niet liggen in het gras. Dat is best verwarrend. Jezus wil de ruimte geven aan zijn vrienden, maar tegelijk geeft hij dat ook uit handen. Dat herkennen we wel, denk ik. Dat je probeert om even dat moment te vinden om te liggen in het gras, maar ineens is er dan toch weer een vraag van een ander, wordt er een appel op je gedaan. En hup …. Daar ga je weer. Weg momentje. Toon Hermans zegt in het tweede couplet van zijn Liggen in het gras: wat hebben wij gedaan met al wat Hij ons gaf ….

Best een goeie vraag. Want die rust, die is er niet voor niks. Levensbehoefte voor drukke en haastige mensen. In het verhaal van Marcus 6 komt dat nog…..in het vervolg. Dat lazen we niet, daarom vertel ik het even. Na de achtervolging en ontmoeting is er verwarring. Het is laat, zoveel mensen … we moeten eten. En Jezus deelt. “Ga zitten,” zegt hij … “in groepen in het gras.” Dan is er toch nog dat moment. Rust. Liggen in het gras. Samen. Om te delen. Verhalen te delen. En brood in overvloed. De zomer …. die is daarvoor bedoeld. Rust een weinig. Oproep van Jezus. Neem de tijd om te liggen in het gras. Waar dan ook, hoe dan ook. Momenten van ontspanning, van rust, van het doorbreken van de routine van alle dag. Ik wens u en jou voor deze periode veel van die momenten toe.

Amen.

Plaats een reactie