ds. Bas van der Graaf: ‘Altijd nieuwe redenen om te danken’ n.a.v. 1 Tessalonicenzen 5: 12-24

*  Alle-Dag-Kerk, 28 oktober 2015  *

Voorganger: ds. Bas van der Graaf, Amsterdam

‘Altijd nieuwe redenen om te danken’ n.a.v. 1 Tessalonicenzen 5: 12-24

Lieve vrienden,

‘Dank God onder alle omstandigheden’, schrijft de apostel Paulus aan zijn lezers. Letterlijk: ‘Dank God in alles’.

Aan die woorden moest ik pas weer denken toen we met een groepje een gesprek over dankbaarheid hadden. Al gauw werd geconstateerd, dat de dankbaarheid voor het gevoel van de deelnemers in onze tijd vaak ver te zoeken is. Hoeveel ruimte is er nog voor dankbaarheid te midden van alle verhitte discussies over nieuwe AZC’s in gemeenten? De eenvoudige dankbaarheid over hoe goed wij het hebben en hoe veel reden ons dat geeft om te kijken wat we kunnen delen? Hoeveel ruimte is er nog voor dankbaarheid voor alles wat we hier in Nederland nog hebben te midden van alle stemmen van ontevredenheid, hebzucht en jaloezie. Maar de vraag speelt natuurlijk ook in je persoonlijke leven: kun je nog danken als je ziek bent, als de ene tegenslag op de andere volgt, als de omstandigheden je eigenlijk alleen aanleiding geven voor klagen en treuren?

Bij dat laatste zit natuurlijk precies het punt: wij maken onze dankbaarheid vaak afhánkelijk van de omstandigheden. Zit het mee dan zijn we dankbaar, zit het tegen dan is de dankbaarheid zoek. Als we zo leven wordt onze dankbaarheid een ping-pongspel, een flipperkast. Het gaat alle kanten op. Maar Paulus zegt dan ook iets heel anders. Hij zegt: Weest dankbaar onder alle omstandigheden. Niet om, maar onder. Temidden van. Wat de omstandigheden ook zijn, je hebt altijd nieuw redenen om te danken. Hoe kan Paulus dat nu zeggen?

Dit is zijn geheim: die dankbaarheid onder alles is ‘wat God van degenen die één zijn met Jezus Christus verlangt.’ Aha, de bron van de dankbaarheid ligt dus niet in de omstandigheden, maar in de verbondenheid met degene die God heeft gezonden als bron van vreugde en overvloed: Jezus Christus.

Wat zijn de redenen om dankbaar te zijn die we in Jezus kunnen vinden? Nou, in Jezus heeft God zelf zich met alle hoogten en diepten van ons bestaan verbonden. Jezus heeft als bijnaam Immanuël, God met ons. Jezus heeft ons verkondigd dat het koninkrijk, Gods nieuwe wereld, nabij is gekomen en dat wij daar nu al deel van uit mogen maken. Jezus heeft ons zo liefgehad, tot het einde, dat hij bereid was zijn leven voor ons op te offeren. Jezus heeft in zijn opstanding de dood overwonnen en belooft ons dat we met hem mogen opstaan. Jezus bidt voor ons, als een hogepriester, die alle noden en ook schuld van het volk voor God brengt. Jezus is, in één woord, het zichtbare teken van Gods genade, die zegt: je mag je mijn kind weten, geborgen voor altijd.
Met díe Jezus kunnen wij één zijn, schrijft Paulus. En als we inderdaad één worden met hem, zet dat alle denkbare omstandigheden in een ander licht. Ze worden er minder absoluut door, ons leven hangt er ten diepste niet meer vanaf, omdat Chrístus ons leven is.
Ik besef dat dit hele grote woorden zijn. Op sommige momenten misschien wel even te groot. Maar Paulus bedoelt het dan ook als een oefening, een dagelijkse oefening. Een oefening die je steeds heel simpel voor de vraag stelt: waar ligt mijn diepste bron van dankbaarheid? In de omstandigheden of in God, in Christus?

Ik zal nooit de vrouw uit mijn vorige gemeente, Gouda vergeten. Ze was op hoge leeftijd gekomen en had ontzettend veel meegemaakt. De omstandigheden van haar leven waren zodanig geweest dat niemand het gek had gevonden als ze er bitter van geworden was. Maar altijd als haar bezocht ging ik met een licht en vrolijk hart weg, omdat alles wat ze zei een toon van eenvoudige, diepe dankbaarheid had. Ze had zich de beloften van het Evangelie van Jezus in de loop van haar leven eigen gemaakt en was diep dankbaar voor wat haar daarin geschonken werd. En dat licht vond ze, ook in vaak moeilijke omstandigheden van haar zelf, haar man en haar kinderen, steeds weer redenen voor nieuwe dankbaarheid. Daar speurde ze naar, net zo lang tot ze ze vond en ze vond ze altijd.

‘Dank God onder alle omstandigheden.’ Zullen we ons voornemen ons daarin te oefenen? Juist temidden van alle boosheid, bezorgdheid, onvrede en onrust van onze tijd? En ook als onze persoonlijke omstandigheden er geen aanleiding toe geven? Ik weet zeker dat we ons zullen verbazen over de steeds weer nieuwe redenen om dankbaar te zijn.

Amen

Plaats een reactie