ds. Marjolijn de Waal: ‘Cursus Koninkrijk kijken’ n.a.v. Ezechiël 17: 22-24 en Mattheüs 13: 31-32

*  Alle-Dag-Kerk, Middagpauzedienst 31 mei 2017  *

Voorganger: ds. Marjolijn de Waal, Vijfhuizen

‘Cursus Koninkrijk kijken ’
n.a.v. Ezechiël 17: 22-24 en Mattheüs 13: 31-32

Broeders en zusters in Jezus Christus, geliefde mensen,

Ik reed laatst in mijn auto met mijn nichtje van 8 op de achterbank. Terwijl we reden, keek zij omhoog naar de lucht en zag van alles langskomen in de wolken.
Een tijger, een prinses, een hondje, een krokodil, een heel circus…
En een paar dagen later kwam ik op internet zelfs een cursus wolken kijken tegen! Het idee van de cursus was: Kijk omhoog naar de wolken en doe je best om er figuren in te zien.
Die cursus was bedoeld als grapje natuurlijk, maar je kunt je er allemaal wat bij voorstellen.
Liggend op je rug in het gras omhoog kijken, en niet alleen maar wit en blauw zien, maar figuren in de wolken. Bewust meer willen zien dan dat er op het eerste gezicht te zien is.

En daar moest ik aan denken bij de teksten die we net uit de bijbel gelezen hebben. Vandaag geen cursus wolken kijken, maar een cursus koninkrijk kijken.

Een cursus koninkrijk kijken veronderstelt dat het niet zo makkelijk is om het koninkrijk te zien. En dat zullen jullie vast beamen. Het koninkrijk, wat is dat eigenlijk, is het hier en nu onder ons, is het de hemel voor later of is het een nieuwe aarde misschien?

Wat opvalt in de bijbel is dat er over het koninkrijk vaak in beelden wordt gesproken. En vandaag komen er zulke beelden tot ons.
Het koninkrijk is als een twijgje van een boom, zo zegt Ezechiël. Het koninkrijk is als een klein mosterdzaadje, vertelt Mattheüs.

We moeten het dus in het kleine zoeken, lijkt de eerste les van de cursus te zijn.

Het twijgje uit Ezechiël, is het volk Israël dat door de Babylonische heersers meegenomen was en in een ander land ‘geplant’ was. Tussen sterke, hoge bomen. De grote machtige rijken, door mensen gebouwd. Maar dat zijn niet automatisch de beste bomen, zegt Ezechiël. Niet de bomen die God laat groeien.
God laat een twijgje weer bloeien zoals Hij dat wil. Niet uit die sterke gezonde boom, maar uit het bijna verschrompelde volk van Israël dat door alle moedeloosheid en verzwakking bijna bezweek.

En als dat twijgje door God geplant wordt groeit het uit tot een boom met takken en vruchten en in die boom zullen vogels wonen, alle soorten vogels die er zijn.

En diezelfde vogels gebruikt ook Mattheüs in zijn gelijkenis van het koninkrijk. Zij zullen een plek vinden in de takken van de mosterdplant. Die mosterdplant komt er door een klein zaadje. De zaaier zaait een zaadje… en vervolgens… is het even niet meer aan hem of haar. In de aarde voltrekt zich van alles waar hij het fijne niet van weet.

Twee kleine beelden. Een twijgje, en een mosterdzaadje.
Twee kleine beelden in een wereld vol grote overweldigende beelden.
Toen niet anders dan nu.
Want ook nu overweldigen grote verhalen en beelden ons: nog steeds zijn er duizenden bootvluchtelingen, die verdrinken op zee. En als ze wel aankomen, wat dan? Is er plek voor iedereen? En de aanslag in Manchester vorige week…

Voor je het weet, zit je moedeloos op de bank en weet je niet meer waar je het moet zoeken. Zit je in de kerk en denk je: maar hoe dan, wat geloof ik dan? En wat heeft dat geloof te maken met wat ik in de media lees of zie of hoor? En in het geweld van al die stormen: wat kan ik betekenen, kan ik verschil maken?

Wat ik altijd een prachtig gedicht vind, is het gedicht van Okke Jager onder de titel: hoe kostbaar is een kwetsbaar mens.
Daarin staat de zin: ‘De krokus wijst beton haar grens’.
De krokus wijst beton haar grens.

Een kenmerk van beton is dat het groot, massief, zwaar is. Niet tegen te houden als het op je af komt.

En dan is daar een krokus. Teer, klein, zo weg te waaien, maar haar schoonheid tegen de achtergrond van het beton doet je verwonderen. Wie is er eigenlijk sterker? Het massieve beton waar niets tegen op lijkt te kunnen, of die dappere krokus die laat zien dat leven en schoonheid altijd wel weer hun weg vinden?

Ik geloof dat de krokus het koninkrijk is tegen de achtergrond van grote macht van het kwaad, van donker en duisternis.

Van groot en overweldigend naar klein en kwetsbaar.
Kijkt u mee naar het koninkrijk?

Ik geloof dat Malala, het meisje van 14, dat streed voor onderwijs voor meisjes maar voor de taliban zo’n grote bedreiging vormde dat die sterke grote mannen een jong meisje neerschoten, de krokus is die het beton haar grens wijst.

Ik was laatst in een kerkdienst van een instelling bij mij in de buurt waar verstandelijk gehandicapte mensen wonen. De vrouw naast wie ik ging zitten kon niet praten maar gaf mij meteen een zoen: welkom ben je hier. Zij was de krokus in een wereld die niet altijd zo warm welkom heet, als zij op dat moment deed.

Het Turkse bruidspaar in Syrië dat een jaar geleden op hun bruiloft niet alleen hun eigen gasten maar 4000 vluchtelingen te eten gaf zijn krokussen tegen het beton van hardheid en vreemdelingenhaat.

En het vlammetje van de paaskaars die over de hele wereld wordt aangestoken wijst de duisternis haar grens.

Zo klein, zo ongelofelijk klein, dat het onze bescherming nodig heeft.
Is het duister weg met dit vlammetje? Nee.

Is de toekomst van al die vluchtelingen met de burgerinitiatieven gered? Nee.

Voel ik me voor altijd en eeuwig belangeloos aanvaard door die ene kus? Nee.

Dat is alweer te groot gedacht.
We varen alweer weg van het kleine. Het kleine, deze voorbeelden zijn het die ons in leven houden. Ze houden ons geloof levend dat niet mensen het uiteindelijk voor het zeggen hebben maar God zelf. God die al die vreemde vogels op zijn wereld ziet, de kleinste bij name kent. God die het kleine zaadje in de grond op zijn eigen wijze laat groeien. Tot de dag van de oogst. Ooit, als er voorgoed een einde komt aan de onderdrukking, aan de wanhoop. En hoe die weg gaat heeft God door zijn Zoon Jezus Christus laten zien.

Jezus ging altijd de weg van het kleine. Altijd de weg van andersom. Niet vooruit maar achteruit, niet de weg naar zijn heldenstatus als redder van de wereld, maar in stilte ging hij de weg van de vernedering. Niet omhoog maar omlaag. De grond in als een mosterdzaad. Om te sterven in de aarde en weer op te komen als het graan. Zijn leven, zijn sterven en zijn opstanding is de enige grond waarop wij beschermd kunnen worden voor angst en moedeloosheid.

Een cursus koninkrijk kijken kan niet alleen hier worden geleerd. Het gaat nu eigenlijk pas beginnen. Ik ben benieuwd wat jullie deze week tegenkomen.

Amen.

Plaats een reactie