ds. Ruben van Zwieten: ‘JOB’ n.a.v. Job 1 en Job 2

*  Alle-Dag-Kerk, Middagpauzedienst 19 oktober 2016  *

Voorganger: ds. Ruben van Zwieten, Amsterdam

‘JOB’ n.a.v. Job 1 en Job 2

Oude Testament, eigenlijk een lelijke naam. Alsof Oud er niet veel meer toe doet als er Nieuw is. Dan beter (?) Het Eerste Testament of Tenach. Er zijn vele verschillende geschriften, verzameld in de Bijbel. Daaronder ook Job, u waarschijnlijk wel bekend.

“Job op de Zuidas” luidde de titel van een affiche. Ik ontving cv’s en sollicitatiebrieven. Men dacht dat het ging over ‘jobs’ op de Zuidas. Ja, het analfabetisme aangaande de Bijbel is groot in Nederland. Van de bijbelse figuur Job had men nog nooit gehoord.
Job heeft alles om je als mens mee te identificeren. Juist ook als je succesvol bent in het leven. Job lijkt wel de Q500 lijst aan te voeren. Met al zijn bezittingen. Kamelen, kleinvee, runderen. Vastgoed, automobielen, voetbalclubs.
Job wil controle hebben over het leven. Alles moet perfect zijn. Hij probeert ook de levens van zijn kinderen te beheersen en besturen. Via een brandoffer probeert hij ‘het geloof’ van zijn kinderen te organiseren. Want ja, er is wat weinig kerkelijke betrokkenheid bij hen, en stel je nu eens voor: ze hebben God in hun hart vaarwel gezegd. De schrijver overtrekt ook het beeld van Job zelf: vroom en oprecht, godvrezend en wijkende van het kwaad. Geen mens is een heilig boontje en onfeilbaar, maar voor dit verhaal Job wel. Althans, dat wil de schrijver ons doen geloven. Zijn naam verraadt echter de rol die Job moet gaan spelen: waar is mijn vader? Waar is voor de zoon de vader als alles hem dreigt te ontvallen..
JHWH is een god onder de goden. De schrijver laat ons hier zien met welke god onder de godszonen wij hier van doen hebben. De satan is zijn tegenvijand, of letterlijker ‘tegenspeler’. Het gaat hier ook om een theaterspel tussen twee goden. JHWH en SATAN. Hoe verschillen zij? Doen zij als god dienst aan mensen of moeten de mensen hen dienen? Hoe onvoorwaardelijk is hun liefde voor de mens?
Satan doet ons met zijn eigen introductie denken aan Kaïn. Van een zwerftocht over de aarde kom ik. Dat is geen mens die onderweg is met een bestemming en een roeping. Zwalkende en zwervende was hij, dwalende en dolende. JHWH vraagt Satan naar zijn vertrekpunt: vanwaar kom je? Wat is je oriëntatie? Met welk verhaal leef je? Wat is je mensbeeld?
Het grote verschil tussen Satan en JHWH komt direct aan het licht: is het om niet dat Job jou vreest? Voor wat hoort wat. Do ut des. Dat is de werkelijkheid van Satan. Liefde om niet  komt niet voor in het leven van Satan. Satan kan het niet geloven. Zullen we het eens uitproberen JHWH? Gewoon zomaar, om eens te kijken wat ie dan doet als ie alles kwijtraakt? Hij gooit het op een weddenschap. Wedden voor een goede fles wijn? Wedden dat als hij flinke tegenslagen in zijn leven moet ervaren, jou toch wel vaarwel zegt?

De tegenslagen worden als gevolg van de weddenschap uitgevoerd. En niet zo’n klein beetje ook. In vier ronden verliest Job alles wat hij heeft. Huis en haard én zijn kinderen. De grote succesvolle Job verliest om te beginnen zijn status, eer, functionele netwerk. Hij ontdoet zich van zijn mantel zoals een hoogwaardigheidsbekleder niets meer is zonder zijn kleed. Hij heeft zich van zijn dure maatpak ontdaan. Zijn uniform met strepen erop is uit. Job heeft zijn LinkedIn profiel opgeheven, zijn visitekaartjes ingeleverd. Hij staat daar nu in zijn nakie. In zijn nuda essentia. Hij werpt zich ter aarde en knielt. Niet uit slaafsheid, maar misschien wordt hij hier pas werkelijk een dienaar. Daar waar eerder juist anderen voor hem knielden, knielt hij nu zelf. Leert hij vanaf nu de kwetsbaren de voeten te wassen?
Satan verliest. Job zegt God niet vaarwel. Dan herhaalt zich het gesprek tussen Satan en JHWH. Dezelfde zinnen keren terug. Echte literatuur. Het werkt als een toneelscript. Vanwaar kom jij? Van een zwerftocht over de aarde! Heb jij ook acht geslagen op mijn knecht Job? Want niemand op aarde is als hij, zó vroom en oprecht, godvrezend en wijkende van het kwaad. Satan kan slecht tegen zijn verlies. Voor hem is het leed van Job nog niet genoeg. Dat hij alles kwijt is en poedelnaakt, is onvoldoende voor de Satan. Je hebt van die mensen die tot op het bot gaan. Die ook nog onder je huid willen kruipen. JHWH gaat naar de kracht van het verhaal mee in de weddenschap: Ok, hij zij in jouw macht; alleen, spaar zijn leven. Opnieuw zegt Job nog geen vaarwel.

Dan wordt Job ten derden male op de proef gesteld. Nu door zijn eigen vrouw.
Maar opnieuw bezwijkt Job niet. Toen zei zijn vrouw tot hem: Volhard jij nog in jouw vroomheid? Zeg God vaarwel en sterf! Maar hij zei tot haar: Zoals een zottin spreekt, spreek ook jij; JHWH laat Job niet los. Hij spreekt in het leven op meerdere manieren en grijpt op verschillende wijzen in. Drie vrienden komen van verre en zetten zich bij hem neer op de grond. Zeven dagen en zeven nachten. Ze zwijgen. Zoals goede vrienden na echte ellende doen. Er enkel gewoon zijn. Jouw presentie is dan alles waard. Als drie engelen, drie gedaantes van JHWH zitten ze bij  hem op de grond. Zeven dagen, zeven nachten.

Amen