ds. Teus Prins: ‘Vrij zijn en vrij blijven’ n.a.v. Psalm 124

*  Alle-Dag-Kerk, 13 mei 2015  *

Voorganger: ds. T.H.P. Prins, Aalsmeer

‘Vrij zijn en vrij blijven’ n.a.v. Psalm 124 (herdichting Huub Oosterhuis)

Gemeente van onze Heer Jezus Christus !

Vorige week stond een aantal dagen in het teken van herdenken en van vrijheid.
Waarbij op 4 mei in ons land allen – burgers en militairen – herdacht werden die (zo luidt het officieel) ‘in het Koninkrijk der Nederlanden – of waar ook ter wereld – zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, èn daarna in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.’
Terwijl de dag erna, op de 5e mei herdacht werd dat het toen 70 jaar geleden was dat Nederland van de Duitse en Japanse onderdrukking bevrijd werd.

Terug denken aan de onderdrukking is nodig omdat, aldus de vroegere Duitse bondspresident Von Weizsäcker ‘zij die proberen te vergéten de ballingschap verlengen, terwijl het geheim van de verlossing in de herinnering ligt’.
Waarbij de vrijheid gevierd dient te worden omdat deze, wanneer we om ons heen kijken nog steeds niet vanzelfsprekend is, doordat oorlog en grootschalig geweld aan de orde van de dag zijn.
Herdenken is verder ook belangrijk omdat de groep die de Tweede Wereldoorlog bewust heeft meegemaakt in de loop der jaren steeds kleiner is geworden.
Nu is het zo dat herdenken overigens veel méér is dan enkel en alleen maar ‘denken-áán.’
Denken áán iets of iemand kun je doen zònder dat je daar echt bij stilstaat.
Terwijl herdenken echter betekent dat verleden, heden èn toekomst nadrukkelijk met elkaar verbonden worden. Opdat daaruit lering wordt getrokken, uit dat verleden, om vervolgens te kunnen zeggen: ‘Dit nóóit weer!”
We weten immers hoe het gaat met onze herinneringen: op het moment dat je iets beleeft kun je dat heel belangrijk vinden, zoiets kan –zeg je dan- een ‘onuitwisbare’ indruk maken.
Maar veel later, achteraf en vooral – zo wordt dan soms gezegd – ‘met de kennis van nú’ kun je dan de mening zijn toegedaan dat wat jouw leven betreft daarin heel àndere gebeurtenissen doorslaggevend zijn geweest.
Vrijheid is overigens iets dat mensen maar moeilijk omschrijven kunnen. Dit wordt wel duidelijk wanneer mensen daarover bevraagd worden.
Vrijheid wordt dan vaak negatief omschreven: dat je niet vervolgd wordt om wat je doet of zegt, dat je niet belemmerd wordt in je bewegingen. Terwijl vrijheid echter iets positiefs is.

Met de vrijheid – en dit maken de Bijbel en de geschiedenis wel duidelijk – moeten wij mensen echter leren omgaan. Wat, en dit geldt denk ik ook voor ons hier, met vallen en opstaan gebeurt. Met vallen en opstaan leren omgaan met die door God-zèlf gegeven aanwijzingen voor een menswaardig leven.
Aangezien het zo maar zonder meer opvolgen daarvan nou niet zo direct in de aard van de mens ligt.
Daarom is het dan ook het niet gehoorzamen aan die door God gestelde regels, komt het vooral door het gebrek aan liefde voor God èn voor de naaste dat die vrijheid zo met voeten getreden wordt. En dus worden oorlogen niet veroorzaakt door het geloof (wat zo vaak beweerd wordt) maar juist door het gebrek aan geloof.
Oorlog en strijd worden veroorzaakt door het luisteren naar kwade stemmen, die zeggen dat de ene mens meer is dan de ander.
Die stemmen die zeggen dat anderen maar vreemd en daardoor gevaarlijk zijn, en die je daarom dient uit te schakelen.
Terwijl echter alle mensen op aarde door God geroepen zijn om vrij te zijn, vrij ook om zijn wil te doen.
Waar Gods wil dan gedaan wordt daar gaat de Geest van God regeren. Ja, en wanneer de Geest ons vervult, wordt een mens pas echt vrij, vrij om zichzelf te verliezen in goedheid en liefde: ‘Wanneer de Zoon u vrijmaakt, zult u wèrkelijk vrij zijn’ zegt de Bijbel

Deze wèrkelijke vrijheid is een heel andere vrijheid dan de vrijheid die tegenwoordig nagestreefd wordt: dat we vrij zouden zijn om maar te doen wat we willen, wat veel mensen vandaag de dag menen: gewoon je eigen gang gaan zonder daarbij op de ander te letten.
Bij het werkelijk vrij-zijn en vervolgens ook vrij-blijven gaat het over de dingen die een mens van binnen belemmeren kunnen: van die dingen waar je maar niet van afkomt, zoals haat, of jaloezie, of aanzien, of geld, of noem zelf maar op: dingen waardoor mensen van binnen verteerd kan worden.

De Bijbel zegt in dit kader dat het vrij zijn van de machten die over ons heersen voor de mens daarom een roeping is: de vrijheid waartoe wij geroepen worden is de vrijheid waarmee Christus òns vrijgemaakt heeft. Wanneer je daarop in gaat, als je aan die roeping gehoor geeft, pas dan krijgt je leven niet alleen inhoud maar vooral ook uitzicht, want inderdaad: dan ben je niet alleen vrij maar dan blijf je ook vrij.

Dat ons hier de vrijheid trouwens niet afgenomen is, ja, dat wij er nog zijn, in volledige vrijheid, is voor ons alle reden om God te danken want, zegt Psalm 124 ‘waren het de mensen geweest, die zouden ons levend verslonden hebben. Maar:

omdat God achter ons stond
ik herhaal: omdat God achter ons stond
dansen wij nu vrolijk achter een wolk aan
laten alle tralies van de dood fluitend achter ons
en gaan blij de wijde wereld in, we zijn vrij
door de God die achter ons stond.
(Karel Eykman)

Psalm 124 – en dit is heel belangrijk – zegt overigens niet dat God sommige mensen redt maar anderen laat omkomen. Nee, de Psalm zegt: zou God mensen niet hebben bijgestaan dan zouden we er allemaal zijn aangegaan. Daarom kan, hoeveel moeite ze er ook mee hebben, daarom kan Israel deze Psalm, hoewel ze beseffen dat miljoenen van hun volksgenoten in de loop der eeuwen de kans niet meer kregen om deze Psalm te zingen omdat ze gedood werden, daarom kan Israel deze Psalm dwars tegen dit gruwelijke feit in, toch zingen dat God niet tegen maar vóór hen is.

Had ons de Heer
– Hem zij de eer –
alzo niet bijgestaan
wij waren lang
– ons was zo bang –
al in den druk vergaan.

Maar we zijn er dus nog: Goddank, in alle vrijheid, wat zeg ik: in de vrijheid van God-zelf.
Die ook ons oproept anderen vrij te maken: vrij te maken uit wat hun gevangen houdt en onderdrukt.
Amen.

Plaats een reactie