evangelist Johan Krijgsman (Amsterdam): “Wandelen op hoog niveau”, n.a.v. Genesis 5: 22a

*  Alle-Dag-Kerk Amsterdam, Middagpauzedienst 23 oktober 2019  *

Voorganger: Evangelist Johan Krijgsman (Amsterdam)

Meditatie: “Wandelen op hoog niveau“, n.a.v. Genesis 5: 22a

Fotoboek
Genesis 5 is net een fotoboek van allerlei men­sen die daar genoemd worden. Het beeld van die mensen is: leven en sterven. Bij bijna alle foto’s van hun levensverhaal is wel iets dat niet klopt. Maar de foto van het levensverhaal van Henoch (3338-2972 voor Chr.) is fantastisch. Het is een plaatje in vergelijking met de andere foto’s. Dit komt omdat Henoch met God wandelde. Henoch wandelde op hoog niveau in vergelijking met anderen.
Dit wandelen zegt meer dan duizend woorden. Het is de geestelijke scan van Henoch. Dit wan­delen hield in dat als je Henoch tegenkwam, je ook God tegenkwam. Ze gingen gelijk op.

Paradijs
Er was een tijd dat de Heere met de mens wan­delde en de mens met de Heere. Dat was ge­woon en mooi. Het was geen sprookje, maar werkelijkheid voor Adam en Eva, de eerste men­sen. Het leven was in het Paradijs en was voor hen een paradijs. Het Paradijs was de eenheid met de Heere. Er was geen vuiltje aan de lucht want er was geen zonde.

Drama
Toen voltrok zich het grootste drama van alle tijden. De mens liet de hand van Vader los. Wandelen op hoog niveau veranderde in rennen in een peilloze diepte van ellende.
De gevolgen bleven en blijven niet uit. Die ge­volgen kunnen we o.a. zien op het Journaal.
We zitten vast in de modderpoel van diepe el­lende. We staan elkaar naar het leven. Als we nu het fotoalbum van de mensenwereld bekijken, zien we miljarden mislukte foto’s. Afschuwelijk!
Toch zien we tussen die mislukte foto’s, ontel­bare foto’s van mensen die een prachtig beeld tonen.
Het zijn plaatjes. Hoe kan dit?

Door Jezus
God zorgde ervoor dat de mens via een Tussen­persoon weer kon wandelen met God.
Hij stuurde Zijn Zoon Jezus naar de aarde. Door Hem kunnen we weer wandelen op hoog niveau. Maar dan moet er wel iets worden vereffend. Alle modderzonden in de diepte, die het wan­delen met Hem onmogelijk maakten, moesten worden weggenomen. Dat heeft Jezus gedaan.
Door Hem is de prachtige foto, het prachtige beeld, hersteld. Aan het kruis ging Hij de mod­der van onze ellende in om mensen daaruit te verlossen. Dit kostte Hem Zijn leven. Maar Hij is opgestaan.
Door het pure geloof in Hem kunnen we door Hem en met Hem weer wandelen op hoog ni­veau. Dat geloof was Henoch gegéven. Vandaar z’n mooie beeld.

Wandelen
Henoch wándelde met God. Niet rennen, maar wandelen. Dit betekent dat zijn leven doortrokken was van God. In de oorspronkelijke taal staat dat hij God behaagde. Hij had een toegewijd leven. Daarmee deed hij de betekenis van zijn naam (toegewijde) eer aan.
Dit wandelen met God was er niet alleen op zondag, maar de hele week. Hij deed het in het bijzijn van zijn collega’s, maar ook binnen zijn gezin. Hij deed het ook als hij bezig was met zijn hobby’s.

Tegen de stroom in
Dit wandelen is ook weer niet zoals wij in de vakantie met elkaar wandelen. Dat is ontspan­nend. Zo moet je het wandelen op hoog niveau niet opvatten. Henoch leefde in een goddeloze tijd.
Dit weten we uit Judas 14: 15. Gelovigen werden nauwelijks geaccepteerd in de samenleving en hadden het moeilijk. Ondanks dat vertelt Judas dat Henoch de mensen gewaarschuwd heeft voor het komende (eind)oordeel. Tegen zijn waarschuwing is ongetwijfeld veel verzet ge­komen.
Wandelen met God is een leven tegen de stroom in.
Wandelen met God kan vandaag wel eens be­tekenen dat je je verantwoorden moet voor de Commissie Gelijke Behandeling. Je denkt en leeft immers anders dan de grote massa.
Wandelen met God is de goede strijd strijden (2 Timotheüs 4: 7). Het betekent eigen (geeste­lijke) inzichten opgeven. Het is strijden tegen zondige gewoonten en je ‘kruis’ opnemen.
Het is beleven dat je niet zo’n best schaap bent van de goede Herder Jezus. Maar dat je toch in Jezus een goede Herder hebt.
Wandelen op hoog niveau is biddend leven. Wandelen op hoog niveau doe je door de Hei­lige Geest. Hij is de beste Navigatie.

Vertrouwen/ geloven
Wandelen met God houdt ook in dat je Hem hoogacht, eert, liefhebt en kinderlijk vreest. Je gaat met Hem dan niet om zoals met een goede kennis. Er is gepaste afstand. Het is een ‘tere’ omgang met Hem hebben. Wandelaars met Hem weten dat Hij de Heilige en Recht­vaardige is.
Ondanks die wetenschap is het ook een ver­trouwend wandelen.
Een kind pakt moeders hand stevig vast in een drukke winkelstraat. Het vertrouwt op moeder. Zo is het met Gods kinderen. Ze vertrouwen zich in Christus aan de Heere toe.
In Hebreeën 11: 5 wordt dit wandelen ‘geloven’ genoemd. Het is je blik gericht houden op Jezus.
Hij is de Grondlegger en Voltooier van het ge­loof (Hebreeën 12: 2). Het is Hem navolgen.
Wandelen met God kan dan ook alleen door het ware geloof in de Heere Jezus. Buiten Hem is God een ‘verterend vuur’ bij wie niemand wo­nen kan (Hebreeën 12: 29). Vergeet dit niet.

Geen kluizenaar
Wandelen op hoog niveau, is niet een zonder­ling leven. Het is zichtbaar voor iedereen. Niet ergens verborgen in een boerderij. Deze mensen staan middenin de samenleving. Ze zijn geen kluizenaars. Ze blijven gewone ouders, vrienden en collega’s.
Ook Henoch was geen kluizenaar. Je leest dat hij zonen en dochters kreeg. Hij had gewone ‘omgang’ met zijn vrouw. Het leven met zijn vrouw en kinderen krijgen en opvoeden deed Henoch met God.
Wandelen met God kan al op hele jonge leef­tijd. Kinderen: Heb je de Heere Jezus lief?

Wandelen met God is een genadegave
Toch had Henoch dit wandelen met God, zoals niemand dat heeft, niet van zichzelf. Lees maar mee. ‘En Henoch wandelde met God, nadat hij Methúsalah gewonnen had, driehonderd jaar‘ (Genesis 5: 22). Nadat Methúsalah geboren was.
In dat kleine woordje ‘nadat’ ligt het wonder van Gods genade. Bijbeluitleggers zeggen dat de geboorte van deze zoon wellicht een omwending in zijn leven heeft gebracht.
Die omwenteling, die vernieuwing, hebben ook wij nodig om te gaan wandelen met God. Om te gaan wandelen op hoog niveau.
De Bijbel zegt dat twee niet samen kunnen wan­delen als ze niet bij elkaar zijn gebracht (Amos 3: 3).

Surfer
Vanuit onszelf wandelen we niet met God. We lopen de andere kant op. Steeds vaster in de modder.
Je kunt het vergelijken met een surfer op zee die steeds verder afdrijft. Op eigen kracht kan hij niet terugkomen. Hij moet teruggehaald worden door een redder.
Op de ‘surfplank van ons leven’ drijven we steeds verder van God. Op eigen kracht kunnen we niet tot Hem komen. De Heere moet en wil ons terugbrengen bij Hem door de Redder Jezus.
Soms doet Hij dat met een harde, maar liefde­volle hand. Soms door bijzondere dingen in ons leven. Zoals bij Henoch de geboorte van zijn zoon.
Aan Zijn hand loopt het levenspad niet dood. Niet vast in de diepe modderpoel van onze el­lende. Dan waait de zachte liefdeswind van Jezus door je leven. In Hem en door Hem heb je frisse moed.
De zorgen en zonden blijven je dan niet be­spaard. Maar je legt alles in Zijn handen. In Zijn handen is het in goede handen.
Hoe je geestelijke toestand ook is, bid: trek mij en dan zál ik met U wandelen (Hooglied 1: 4).

Bekijk steeds de ‘foto’ van Henoch en andere gelovigen. Laat het je inspireren om met Hem te wande­len. Dat is wandelen op hoog niveau. Dit is wande­len met een vergezicht. Alleen om Jezus wil kan dit.

Plaats een reactie