mgr.dr. Dick Schoon (Amsterdam): “Dragers van licht”, n.a.v. Lucas 12: 33-37a

* Alle-Dag-Kerk Amsterdam, Middagpauzedienst 11 november 2020 *

Voorganger: Mgr. Dr. Dick Schoon (Amsterdam)

Meditatie Dragers van lichtn.a.v. Lucas 12: 33-37a

Elf november is traditioneel de feestdag van Sint Maarten, die in sommige delen van ons land wordt gevierd. Kinderen gaan dan ’s avonds in het donker met lampionnen de deuren langs, ze zingen een lied en hopen dan iets lekkers te krijgen. In mijn jeugd in IJmuiden was dat een ware wedstrijd wie het meeste snoep ophaalde – en u snapt dat we de dagen erna goed misselijk konden zijn. Met die lampionnentocht worden we herinnerd aan wat ons is overgeleverd over Sint Maarten, de heilige Martinus van Tours. Het verhaal gaat dat Martinus, een militair in het Romeinse leger uit de vierde eeuw, ooit bij een stadspoort een bedelaar zag die nauwelijks kleren aan had. Met zijn zwaard kliefde hij zijn mantel in tweeën en gaf de helft aan de bedelaar. ’s Nachts zag Martinus in zijn droom Jezus zelf met die halve mantel bekleed.

Zoals met alle legendes en heiligenverhalen weet je natuurlijk nooit of dit echt zo is gebeurd. Ik denk dan ook dat het altijd meer om de strekking van zo’n verhaal gaat. Waarheid is in de Bijbel niet zozeer of iets écht gebeurd is, maar of iets je helpt om tot je ware bestemming te komen. Dát hoor ik ook in de bijbeltekst die we zojuist lazen: waar je schat is, daar is je hart. Dat stukje tekst komt uit een lang hoofdstuk waarin Jezus het heeft over bezit, het willen hebben van dingen, meest materiële dingen, eten, drinken, kleding, allemaal van die dingen waar wij het ook zo druk mee kunnen hebben. Jezus weet echt wel, dat mensen die dingen nodig hebben, maar zijn vraag is of die ook werkelijk het állerbelangrijkst in je leven zijn, of ze werkelijk helpen om tot je bestemming te komen? Met zijn woorden daagt Jezus zijn gehoor uit: als je schat het vergankelijke in deze wereld is, tja, dan leef je altijd in angst om dat kwijt te raken. Maar als je schat Gods koninkrijk is, die wereld van gerechtigheid en vrede, waarin alle mensen deel van leven hebben, zowel rijke militairen als Martinus alsook arme naamloze bedelaars bij de poort, – als die wereld je schat is, dan hoef je niet bang te zijn om iets kwijt te raken, sterker nog: je kunt délen wat je hebt, want de gaven van God zijn overvloedig en onuitputtelijk.

Juist in de crisis die wij nu doormaken, komt het er voor ons allen op aan. We ervaren nu al de gevolgen in de zieken- en verpleeghuizen en hopelijk is dat vaccin spoedig beschikbaar, maar hoe gaat het straks, als de steunpakketten van de overheid moeten worden terugbetaald door mensen die hun banen zijn kwijtgeraakt? Het komt er voor ons op aan: treuren we om wat we ze als normaal waren gaan beschouwen, maar wat in een handomdraai door dat virus alleen maar aards vergankelijk bleek, of kijken we verder dan die vergankelijkheid en zoeken we onze schat in de hemel? Durven we te leven vanuit Gods toekomst van vrede en zijn we daardoor bereid om te delen wat we hebben?

In de Bijbel is Gods volk op weg, altijd door een crisis heen naar een nieuwe toekomst. Jezus zelf reisde naar Jeruzalem om daar aan het kruis gedood te worden en door die crisis heen op te staan tot nieuw en onvergankelijk leven. Als wij hem willen volgen, kunnen we de feestdag van Sint Maarten vieren en licht brengen in situaties waarin het donker is. Dat hoeft niet spectaculair te zijn, want ook het kwetsbare lichtje van een lampion verdrijft de duisternis. Doe je gordel om en houd je lamp brandend – moge God ons daarbij helpen.

Amen

Plaats een reactie