mw. Nan Sikkel-Wilschut (Badhoevedorp): Erbarme dich, n.a.v. Matteus 26: 69-75

*  Alle-Dag-Kerk Amsterdam, Middagpauzedienst  *

Bestemd voor de Middagpauzedienst van 25 maart 2020, die geen doorgang kon vinden vanwege de coronamaatregelen

Er is dus geen opname beschikbaar.     Voor het beluisteren van de alt-aria klik hier.

Meditatie: mw. Nan Sikkel-Wilschut (Badhoevedorp)

Thema: Erbarme dich, n.a.v. Matteus 26: 69-75

Erbarme dich, Mein Gott,
Um meiner Zähren willen!
Schaue hier,
Herz und Auge weint von dir
Bitterlich

‘Erbarme dich’
Twee woorden slechts. Woorden die uiting geven aan verdriet en wanhoop dat diep uit je binnenste kan opwellen. Of zelfs dieper nog, dat opstijgt uit de aarde. Twee woorden: ‘Erbarme dich’. Woorden van de mooiste aria uit de Mattheus Passion die klinken uit de mond van de alt: ‘Ontferm U, heb medelijden.’

In een instabiele wereld vol angst en dreiging, waar slachtoffers vallen en waar uit alle macht gewerkt wordt aan een oplossing om de aanval van een onzichtbare virus­vijand te weerstaan, roept deze muzikale vertolking van de roep om erbarmen bij mensen, gelovigen en ongelovigen, emoties op. Middenin dit meesterwerk van Johann Sebastian Bach raakt menigeen ontroerd door de vraag om genade. Zal er er­barmen zijn? Goede Vrijdag wordt er een opname van deze passiemuziek uitgezon­den en zeker door velen beluisterd, nu alle uitvoeringen zijn geannuleerd.

Van oudsher is deze roep te horen aan het begin van de eredienst van de christelijke kerk: ‘Ontferm U!’ In de evangeliën vind je deze roep dikwijls terug in de verhalen van mensen om Jezus heen en daar heeft de kerk dat, denk ik, ook vandaan, van hen die in de buurt van Jezus roepen om erbarmen: de zieken en de hulpelozen, de blinden, de verwarde geesten, de outcasts. Mensen die zich geen raad weten met hun leven, met hun pijn en gemis. Mensen aan de rand van de samenleving, maar ook er midden­in. “Heb medelijden.” Erbarme dich.

Uit het dramatische verhaal van Jezus’ levenseinde vinden we het gedeelte over de verloochening van Petrus in Mattheus 26. Een heftig en aangrijpend stuk. Na dat ge­deelte uit het verhaal klinkt deze aria. Het bittere huilen van Petrus dat aan deze aria voorafgaat werd door Bach zó indringend en ontroerend vertolkt, dat daarna de woorden van de aria: ‘Erbarme dich’ diepe indruk maken.

Dat bittere huilen van Petrus als hij beseft dat hij Jezus – precies zoals die het hem had voorspeld – tot driemaal toe verloochend heeft. Verloochenen. Letterlijk betekent het: tot een leugen maken. En wat kan een mens al niet verloochenen: je afkomst, je roeping, je geaardheid, de werkelijkheid, je diepste verlangen. En dat is vaak ook wel te begrijpen. Want voor iets of voor iemand gaan, door dik en dun, daar kan zo ont­zettend veel tussen komen: schaamte, angst, verdriet, minderwaardigheid, teleurstel­ling, woede, noem maar op.

Jezus was Petrus’ held geweest. Hij bewonderde hem mateloos en had dikwijls gezegd dat hij alles voor hem over zou hebben. Hij was Jezus van verre gevolgd toen die zich vrijwillig had overgeleverd aan de leiders van het volk. Hem ècht volgen kon hij niet. Toen de navolging te moeilijk werd, kende hij nog slechts de drang tot zelfbehoud. En wie zou het anders gedaan hebben dan hij? Waarom laat Jezus zich slachtofferen en tot dader maken? Waarom neemt hij niet even indrukwekkend het woord, zoals hij dat vaker deed in zijn gesprekken met de kerkelijke leiders?

Petrus kan er niet bij. En als wij dit verhaal horen vanuit onze comfortabele positie, laten we hem dan maar niet hard vallen, hij is een spiegel van onszelf.
Wij willen wel met Jezus mee gaan en dat is ons diepe ernst, maar laten we het maar niet te snel zeggen. Voor je het weet, kraait er een haan.

Petrus zit tussen de knechten op de binnenplaats van het paleis van de hogepriester. Hij wilde zien hoe het zou aflopen. En terwijl Jezus ondervraagd werd door de hogepriester, werd Petrus ondervraagd door de dienstmeisjes van de hogepriester. En ter­wijl Jezus openlijk zei wie hij was en van geen wijken wist, ontkende Petrus, om niet verdacht te zijn, tot driemaal toe, dat hij bij Jezus hoorde of hem zelfs maar kende. “Ik ken die man niet!” Petrus verloochende zowel Jezus als zichzelf.

Liegt Petrus? Of zou je misschien ook kunnen zeggen dat hij de waarheid spreekt? Petrus kent Jezus niet. Wie is Hij? En wat is er tussen hem en mij? Die vraag gaat ons allen aan in deze dagen. “Midden onder u staat Hij die gij niet kent.”
En meteen kraaide er een haan. Petrus herkende het. Hij hield het niet langer en huilde bittere tranen, omdat hij had gefaald. In de nacht van het leven kwam hij zichzelf tegen. Hij was niet de betrouwbare vriend die hij zo graag had willen zijn. Op dat moment klinken in de Mattheus Passion de woorden: “Erbarme dich, Mein Gott”. Ik red het niet.

Maar daarmee is het niet afgelopen. Er volgt een antwoord. In de vraag ligt het ant­woord al besloten. De haan die Petrus in zijn nood hoorde kraaien, heeft een nieuwe dag aangekondigd. “Ik wil weer bij U horen!”
Die vooruitblik wordt ons gegund in het koraal dat het koor zingt na het Erbarme dich. Er volgt een bevrijdend antwoord op ons aller vraag om erbarmen. Het koor neemt het over van de solist :”Uw genade en geduld, is veel groter dan het kwaad”. Er zal erbarmen zijn, deze tijd gaat voorbij: Pasen zal het zijn.

Gods ‘ja’ is groter dan zijn ‘nee’.

Bin ich gleich von dir gewichen,
Stell’ ich mich doch wieder ein.
Hat uns doch dein Sohn verglichen
Durch sein’ Angst und Todespein.
Ich verleugne nicht die Schuld.
Aber deine Gnad’ und Huld
Ist viel grosser als die Sünde,
Die ich stets in mir befinde.

Lees ook: Wat betekent de tekst van Erbarme dich ?

Plaats een reactie